Aanmaken van afstammingskaarten

Wanneer een stam meer dan 50 afstammelingen telt, gespreid over minstens 5 generaties, worden alle afstammelingen van dezelfde stamouders samengebracht in één stam. Te beginnen met de oudst bekende stamouders. Via de mannelijke tak beantwoorden achttien stammen aan deze criteria. De afstamming via een vrouwelijke FREDERIX wordt weergegeven tot aan haar kinderen en kleinkinderen, en hun eventuele partners.

Tussen deze achttien FREDERIX stammen zijn nog geen duidelijk aantoonbare verbanden gevonden. Enkel de stam van Christiaen Fredrix is via een vrouwelijke lijn verbonden met de stam van Arnout Fredrix en met deze van Matteeuwis Frerix. Dat de stammen weinig onderling verbonden zijn, is niet verwonderlijk te noemen. Immers, de familienaam FREDERIX is een patroniem – een naam afkomstig van een voornaam, zoals in het onderdeel ontstaan en betekenis van de familienaam FREDERIX wordt toegelicht – en kan dus op heel wat plaatsen zijn onstaan bij een persoon met de voornaam Frederik.

Hieronder vind je een korte beschrijving van elk van de achttien stammen met de links naar hun respectievelijke stamboomkaarten. Deze zijn in twee vormen aangemaakt: het uitklapbaar formaat in tekstvorm, waarbij je onderdelen van de stamboom kan open- of dichtklappen of het grafische boxformaat.

 

Afstammelingen van Arnout Fredrix en Cornelia Vanden Lokensberge uit Lummen (°ca. 1490)

De oudste stam is deze van stamouders Arnout FREDRIX en Cornelia VANDEN LOKENSBERGE en gaat terug tot circa 1490. Omdat de parochieregisters van Lummen pas sinds 1601 worden bijgehouden, zullen we wel nooit hun exacte geboortedatum achterhalen. Op basis van de vele aktes uit schepenbankboeken en andere bronnen is deze stam toch met grote zekerheid correct samengesteld. Uit een omvangrijke delingsakte van 1640 na de dood van hun kleinzoon Aerdt Fredrix blijkt dat het om een zeer welstellende familie gaat. Een tak zal in de eerste helft van 17e eeuw naar Hasselt uitwijken en er een niet onbelangrijke religieuze, politieke en economische rol spelen. Je kunt er meer over lezen in de sectie markante figuren, waar het gaat over landsdeken Jan Fredericx en de dynastie van de Frederici zilversmeden.

Er is een verweving met de stam van Christiaen FREDRIX en Anna CRUESSENS, via de vrouwelijke lijn. Immers, Catharina Corthauts, achter-achter-achterkleindochter van stamvader Arnout Fredrix trouwt met Joannes Fredrix, kleinzoon van voornoemde Christiaen Fredrix. Sinds 1490 omvat deze stam in het totaal 791 nakomelingen over 16 generaties. Uitgenomen de tak, verbonden met deze van Christiaen Fredrix, sterft deze stam in Lummen uit. Ook de laatste telg van de Hasseltse tak sterft in het midden van de 19de eeuw.

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


Afstammelingen van Tijs Frerixs en Oda Minne uit Hasselt (°ca. 1495)

De familie VRERIX, ook FRERIXS, FREDERIXS of VREDERIXS geschreven, speelt tijdens de 16e, 17e en het begin van de 18e eeuw een invloedrijke rol in het politieke, economische en juridische leven van de stad Hasselt. Nog onbekend in Hasselt gedurende de 15e eeuw verzekert de familie zich in de loop van de 16e eeuw van een vooraanstaande plaats in het stedelijk leven. Zij bezet de voorname beleidsposten en verscheidene leden gaan huwelijksverbin­tenissen aan met andere machtige families uit de stad. Het hoogtepunt wordt in het begin van de 18e eeuw bereikt, wanneer Arnold VRERIX voorzitter wordt van het hof van Vliermaal, de hoogste functie op juridisch gebied van het graafschap Loon. Hij heeft intussen ook een zeer groot fortuin verzameld. Vanaf de tweede helft van de 18e eeuw dooft de familienaam uit. Deze boeiende familie telt 132 personen over 9 generaties en je verneemt meer over deze patriciërsfamilie in de sectie markante figuren.

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


Afstammelingen van Matteeuwis Frerix uit Lummen (°ca. 1550)

Uit de vallei van de Zwarte Beek, het grensgebied tussen Lummen en Paal (Beringen), komt de stam van Matteeuwis FRERIX [zijn vrouw is niet gekend]. Matteeuwis wordt vermoedelijk omstreeks 1550 geboren. Omdat er in die periode nog geen parochieregisters bestaan, zullen we zijn exacte geboortedatum en -plaats wellicht nooit kennen. Hij heeft ook nog twee broers – Aerdt en Peeter – en twee zussen –  Maria en Elisabeth – maar hierover is verder nog niets bekend. Een deel van de stam blijft in Lummen, Heusden, Beringen en Koersel. Een tweede tak gaat via Kermt naar Houthalen en wijkt van daar uit naar Hechtel en weer verder naar Eksel, Neerpelt, Overpelt, en Heusden. Vanuit Houthalen trekt een tak naar Helchteren, Peer, Wijchmaal, Kleine- en Grote-Brogel. Sinds 1550 krijgt Matteeuwis FRERIX 1.541 nakomelingen over 16 generaties. Deze stam is verbonden met die van Christiaen FREDRIX via de vrouwelijke lijn door het huwelijk van Maria Fredrix, kleindochter van Matteeuwis, met Guilielmus Bervoets (te situeren voor 1645) en het huwelijk – 10 generaties en 300 jaar later – van Maria Odilia Bervoets, 9-achterkleindochter van Matteeuwis, met Ludovicus Frederix, 7-achterkleinzoon van Christiaen, in 1954.

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


De afstammelingen van Corsten (Christiaan), Catharina, Barbara en Petrus Frederix uit Mechelen-aan-de-Maas (°ca 1575)

Deze stam uit Mechelen-aan-de-Maas begint met de kinderen Corsten (Christiaan), Catharina, Barbara en Petrus FREDERIX. Hun ouders zijn voorlopig onbekend, maar moeten voor 1575 zijn geboren. Een belangrijk deel van de afstammelingen is er blijven wonen, terwijl een ander deel de Maas oversteekt en terug te vinden is in de streek van Maastricht. Een ander deel zwermt naar het noorden en westen van Nederland uit. Een ander deel zakt af naar Luik. Er zijn 366 afstammelingen over 12 generaties opgenomen.

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


De afstammelingen van Gerardt Fredericx (°1587) en Maria Brouwers uit Cadier en Keer (bij Maastricht)

De bakermat van deze stam is de hoeve 'de Sangerije', die gelegen was te Keer, parochie Cadier (thans deel uitmakend van de gemeente Margraten, ten oosten van Maastricht). 'De Sangerije' was een bezit van het kapittel van Sint-Servaas te Maastricht en ressorteerde onder de jurisdictie van de heerlijkheid Heer. De familie FREDERIX bezat deze hoeve meer dan een eeuw in erfpacht. Stamvader is Gerardt FREDERICX, halfwin op de hoeve de Sangerye. Hij was gehuwd met Maria BROUWERS. De stam bevat op het ogenblik 460 afstammelingen over 14 generaties. Een deel van de stam blijft in Maastricht en de omliggende gemeenten wonen, maar trekt ook de Maas over naar Kanne en Vroenhoven in wat nu Belgisch Limburg is. Een andere tak vinden we rond 1830 terug in Luik. De afstammelingen bekleden er hoge legerfuncties en zijn als industriëlen actief in de opkomende Luikse wapenindustrie. Een deel van deze stam wijkt verder uit naar Brussel. De beroemdste telg uit deze stam is ongetwijfeld de invloedrijke Franse filmregisseur uit de eerste helft van de 20ste eeuw, Jacques Feyder, geboren als Jacques Frederix. Meer over hem op de pagina markante figuren.

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


De afstammelingen van Henricus Fredrix en Anna Smeets uit Beverlo (°ca. 1595)

Uit Beverlo komen stamouders Henricus FREDRIX en Anna SMEETS. Vanaf ca. 1595 tot in 1710 heeft deze stam 7 generaties met 97 afstammelingen. Daarna zijn er van deze stam geen nakomelingen met de familienaam FREDERIX meer teruggevonden.

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


De afstammelingen van Christiaen Fredrix en Anna Cruessens (°1602) uit Lummen

Van stamouders Christiaen FREDRIX en Anna CRUESSENS zijn er 741 afstammelingen opgenomen. Vanaf ca. 1600 tot vandaag beslaat de stam 13 generaties. Afgaande op schepenbankakten en cijnsregisters heeft deze stam zijn oorsprong in de gehuchten Genenbos (Lummen), Eversel en Ubbersel (Heusden). In een cijnsaangifte na het overlijden van stamvader Christiaen FREDRIX uit 1663 worden twee boerderijen vermeld en 5568 roijen land (ongeveer 17 ha). Eén boerderij is gelegen tegenover de nu verdwenen Sint-Rochuskapel van Genenbos (Lummen). Door het landbezit blijven een aantal afstammelingen in deze contreien wonen en zijn vandaag terug te vinden in Lummen, Heusden, Zolder, Houthalen, Leopoldsburg. Een andere tak trekt naar Hasselt en de omliggende dorpen. Maar er zijn ook takken terug te vinden in Luik, Antwerpen en Brussel, tot in Frankrijk toe.

Er is een verweving met de stam van Arnout FREDRIX via de vrouwelijke lijn. Immers, Catharina Corthauts, achter-achter-achterkleindochter van stamvader Arnout trouwt met Joannes Fredrix, kleinzoon van de stamvader Christiaen Fredrix.

Verder is er ook een band met de de stam van Matteeuwis FRERIX via de vrouwelijke lijn door het huwelijk van Maria Fredrix, kleindochter van Matteeuwis, met Guilielmus Bervoets (te situeren voor 1645) en het huwelijk – 10 generaties en 300 jaar later – van Maria Odilia Bervoets, 9-achterkleindochter van Matteeuwis, met Ludovicus Frederix, 7-achterkleinzoon van Christiaen, in 1954.

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


De afstammelingen van Joannes Vrerix en Maria Holstijns (°1624) uit Diepenbeek

Stamouders Joannes VRERIX en Maria HOLSTIJNS wonen hun hele leven in Diepenbeek. Vandaar zwermt een deel van hun afstammelingen uit naar Hasselt. De meesten echter trekken richting Zuidoost-Limburg, waar ze achtereenvolgens terug te vinden zijn in Schoonbeek, Munsterbilzen, Eigenbilzen, Vroenhoven en via Vlijtingen ook in Tongeren. Deze stam telt 376 afstammelingen, gespreid over 12 generaties. Deze stam is mogelijk verwant met deze van Joannes FREDRIX en Elisabeth PINXTEN uit Wimmertingen (Hasselt).

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


De afstammelingen van Joannes Frederix en Catharina Laerackers uit Beringen (°ca. 1635)

De stamvader en stammoeder van deze stam uit Beringen zijn voorlopig onbekend. Vandaar de codenaam N1. Maar van hun twee kinderen kan men met quasi zekerheid aantonen dat ze dezelfde ouders hebben. De stamouders moeten circa 1595 geboren zijn en kregen 63 nakomelingen over 5 generaties. Ze zijn terug te vinden in Lummen, Beringen, Paal, Zelem en Tessenderlo. Van deze stam zijn er na 1769 geen nakomelingen meer teruggevonden met de familienaam FREDERIX. Het is mogelijk dat deze stam ingepast kan worden in één van de andere stammen uit West-Limburg, maar hiervoor zijn er nog onvoldoende aanwijzingen.

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


De afstammelingen van Joannes Frederix en Elisabeth Keunen uit Bree (°ca. 1680)

Stamouders Joannes FREDERIX en Elisabeth KEUNEN zijn waarschijnlijk in Bree geboren. Deze kleine stam met 51 nakomelingen over 5 generaties verblijft erg honkvast in Bree en Bocholt, Na 1800 dooft de stam als drager van de familienaam Frederix echter uit.

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


De afstammelingen van Joannes Frederix en Catharina Bijnens (°1693) uit Opglabbeek

Van Joannes Frederix en Catharina Bijnens zijn 66 afstammelingen bekend over 5 generaties. De stam vindt zijn oorsprong in Opglabbeek en wijkt uit naar Bree en Niel-bij-As. In het eerste helft van de 19e eeuw verdwijnt de familienaam Frederix in deze stam.

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


De afstammelingen van Laurentius Vrerix en Maria Van Roye uit Hasselt (°ca. 1705)

Stamouders Laurentius VRERIX en Maria VAN ROYE wonen begin 1700 in Hasselt. Tot nu toe weten we nog niet waar de exacte oorsprong van deze stam ligt. Hun afstammelingen waaieren ver uit en zo vinden we ze nu terug in Tongeren, Luik, Brussel, Antwerpen, Veurne, tot in het Verenigd Koninkrijk toe. Deze stam bevat op dit ogenblik 410 personen, gespreid over 11 generaties. Het bijeenbrengen van de gegevens van deze stam is grotendeels het werk van afstammeling Elza Frederix.

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


De afstammelingen van Godefridus Frederix en Elizabeth Henzaet uit Elsloo (°ca. 1705)

Stamouders Godefridus FREDERIX en Elizabeth HENZAET komen uit Elsloo. Hun afstammelingen blijken honkvast te zijn, want 9 generaties en 161 nakomelingen later, verblijven ze er nog steeds. Mogelijk is deze stam verbonden met de stam van Gerardt Fredericx uit Cadier en Keer bij Maastricht.

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


De afstammelingen van Joannes Fredrix en Elisabeth Pinxten (°1712) uit Wimmertingen (Hasselt)

De kinderen van stamouders Joannes FREDRIX en Elisabeth PINXTEN worden geboren in de eerste helft van de 18e eeuw in Wimmertingen (Hasselt). De stam telt nu reeds 1028 afstammelingen, gespreid over 10 generaties. De stam verspreidt zich eerst naar Sint-Lambrechts-Herk, en later ook naar Hasselt, Diepenbeek, Alken, Wellen en Stevoort. Een tak trekt naar Tongeren en Sint-Truiden in het zuiden van Limburg en dan verder naar Luik en Brussel. Een andere tak wijkt uit naar Tessenderlo en zwermt van daar verder uit naar Kwaadmechelen en Paal. Deze stam is mogelijk verwant met deze van Joannes VRERIX en Maria HOLSTIJNS uit Diepenbeek.

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


De afstammelingen van Franciscus Frederix en Margarita Langenakers uit Paal (°ca. 1720)

Stamouders Franciscus FREDERIX en Margarita LANGENAKERS stammen vermoedelijk uit Paal. Over 5 generaties vinden we 60 nakomelingen terug, voornamelijk in Paal, Lummen en Koersel. Na 1850 komen er in deze stam geen dragers van de familienaam Frederix meer voor. 

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


De afstammelingen van Daniel Fredrix (°1729) en Elisabeth Peeters uit Alken

Over de ouders van Daniel FREDRIX, het koppel Henricus FREDRIX en Barbara STAENS, weten we voorlopig erg weinig. Zij worden enkel vermeld in de overlijdensakte van hun (enige?) zoon Daniel, wanneer deze hoogbejaard sterft in Melveren bij Sint-Truiden. Hij wordt volgens zijn overlijdensakte geboren in het jaar 1729 in Groeskamp, Duitsland. Dit is vermoedelijk het dorp Grosskampenberg in Rheinland-Pfalz. Door de Vlaamse familienamen van zijn ouders kunnen we met bijna zekerheid stellen dat hij niet van Duitse afkomst is. Waren zijn ouders rondreizende handelaars of was vader Henricus soldaat in een leger?

Daniel en zijn vrouw Elisabeth PEETERS krijgen een flink aantal nakomelingen: 241 personen over 9 generaties. Vanuit Alken zwermen ze uit naar Hasselt, Kuringen, Sint-Lambrechts-Herk, Herk-de-Stad, Lummen, Genk, Maaseik, Zepperen en Luik.

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


De afstammelingen van Joannes Frederickx en Maria Geens uit Geetbets (°ca. 1765)

Deze stam met 89 afstammelingen over 5 generaties met als stamouders Joannes FREDERICKX en Maria GEENS komt uit Geetbets, net buiten de provincie Limburg in Vlaams-Brabant. Vandaag vinden we ze vooral terug in Herk-de Stad.

Ga hierna naar de afstammingskaart in uitklapbaar of boxformaat.


De afstammelingen van Jacobus Frederickx en Maria Elisabetha Boyen uit Zoutleuw (°ca. 1770)

Stamouders Jacobus FREDERICKX en Elisabeth BOYEN komen uit Zoutleeuw, wat ons doet vermoeden dat ze mogelijk verwant zijn met de stam van Joannes FREDERICKX en Maria GEENS uit Geetbets, maar daarover bestaat nog geen aanwijsbare zekerheid. Al vlug verhuist de stam noordelijk, naar West-Limburg, waar we ze terugvinden in Halen, Zelem, Tessenderlo en, net over de provinciegrens in Vlaams-Brabant, in Diest. De stam telt 88 nakomelingen, gespreid over 8 generaties.