Lebuinus Hustin

IDnr.6757, ° voor 1635, + na 1660
DoopselLebuinus Hustin werd gedoopt voor 1635 te Cadier en Keer? [Nederland].1 
HuwelijkHij huwde met Margaretha Aussems voor 1660 te Cadier en Keer? [Nederland].1 
OverlijdenHij overleed na 1660 te Cadier en Keer? [Nederland].1 

Familie

Margaretha Aussems ° voor 1635, + na 1660
Kind

bronvermelding(en)

  1. [S109] Opzoekingen door Elza Frederix.

Adrianus Huveneers

IDnr.1185, ° voor 1615, + na 30 november 1661
DoopselAdrianus Huveneers werd gedoopt voor 1615.1 
BeroepHij was dienstbode van de notari mr. Henrick Swijsen te Lummen [België] op 4 mei 1640.1 
EigendomDe eigendomstransactie van Jacop Coppens met Joannes Fredrix, geacteerd te Lummen [België] op 4 mei 1640, verwijst naar Adrianus Huveneers als betrokken partij; Jacop Coppens heeft publiek verkocht een hof met de hoffstede zoals hij die onlangs met risch ende reijs in teecken van possessie verkregen heeft van Henrick Stessens zaliger. Palende O. de erfgenamen Wauter Jans, W. de erfgenamen Lenaert Jans, N. de straat. Wie de palmslag krijgt, ontvangt ook een dobbele ducaat voor zijn kloek gebod. De hof is enkel belast met 25 stuivers jaarlijkse grondcijns en voor iedere stuiver meerlast zal de verkoper 20 stuivers ontlasten. Godsgeld: 1 pattacon, waarvan de helft voor de Minnebroeders, de andere helft voor de Cappucinen, beiden binnen Hasselt. Voor verkopers vrouw Cattelijn Gielis, 1 dobbele ducaat tot een kermisse. Schrijfgeld en het maken van de billetten: 1 pattacon.
Eerste zitdag op 13 maart 1640. Voor notaris Hendrik Swijsen, Lummen, geeft Jacob Coppens de palmslag aan heer en mr. Jan Fredricx, priester en pastoor te Hasselt en landdeken in het district Hasselt. Voor 325 gulden Brabants en 2 hogen. Margariet Fredricx stelt nog 1 hoge. De pastoor-deken nog 1 hoge. Gedaan te Hasselt in het pastoreel huis. Getuigen: Jan Sleenaerts, oud-burgemeester der stad en Adriaen Huveners van Lummen, dienstbode van de notaris.
Op 4 mei 1640 verklaarde gerechtsdienaar Jan Puts voor de binnen Vrijheidse schepenen, de continuele kerkgeboden gedaan te hebben, zo door hem als door Willem Lambrechts zijn mede-broeder en dienaar, van 14 dagen tot 14 dagen binnen de kerk van Lummen, 'met affixie van billet deser coops opt kerckhelleken aldaer'. Na uitgang der kaars verbleven aan mr. Jan Fredricx.1 
DoopselHij was peter bij het doopsel van Joannes Van Obbel op 30 november 1661 te Lummen [België].2 
OverlijdenHij overleed na 30 november 1661. 

bronvermelding(en)

  1. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.108v.
  2. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, 1661, doopsels, p.91.

Elisabeth Huveneers

IDnr.666, ° voor 1635, + na 25 januari 1670
DoopselElisabeth Huveneers werd gedoopt voor 1635 te Lummen? [België].1 
HuwelijkZij huwde met Petrus Van Obbel voor 1656.1 
DoopselZij was meter bij het doopsel van Elisabeth Fredrix op 25 januari 1670 te Lummen [België].2
OverlijdenZij overleed na 25 januari 1670 te Lummen? [België].2 

Familie

Petrus Van Obbel ° voor 1635, + na 29 sep 1664
Kinderen

bronvermelding(en)

  1. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek nr. 86, 1675, p.7.
  2. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, 1670, doopsels, p.162.
  3. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, 1661, doopsels, p.91.

Elisabeth Huveneers

IDnr.3098, ° 15 augustus 1801, + na 14 juli 1852
GeboorteElisabeth Huveneers werd geboren op 15 augustus 1801 te Paal [België].1 
HuwelijkZij huwde met Frans Mertens voor 19 oktober 1825 te Paal? [België].1 
OverlijdenZij overleed na 14 juli 1852 te Paal? [België].1 

Familie

Frans Mertens ° 25 mei 1789, + na 14 jul 1852
Kind

bronvermelding(en)

  1. [S50] Burgerlijke Stand Paal, Rijksarchief Hasselt, 1358532, 1852, huwelijken, p.37, akte 13.

Maria Huveneers

IDnr.890, ° voor 1645, + na 19 juni 1667
DoopselMaria Huveneers werd gedoopt voor 1645 te Lummen? [België].1 
DoopselZij was meter bij het doopsel van Joannes Fredrix op 19 juni 1667 te Lummen [België].2
OverlijdenZij overleed na 19 juni 1667 te Lummen? [België].1 

bronvermelding(en)

  1. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, 1664, doopsels, p.118.
  2. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, 1667, doopsels, p.138.

Mathias Huveneers

IDnr.1110, ° voor 1590, + na 3 mei 1617
GeboorteMathias Huveneers werd geboren voor 1590. 
HuwelijkHij was getuige bij het huwelijk van Joannes Swalen en Anna Fredrickx op 28 januari 1614 te Lummen [België]; De pastoor vergeet de tweede getuige in te schrijven.1 
DoopselHij was peter bij het doopsel van Joannes Swalen op 3 mei 1617 te Lummen [België].2 
OverlijdenHij overleed na 3 mei 1617 te Lummen? [België].3 

bronvermelding(en)

  1. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 552, 1614, huwelijken, p.20.
  2. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 547, p.148.
  3. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 547, 1617, doopsels, p.148.

Matthijs Huveneers

IDnr.7487, ° voor 1615, + na 31 maart 1651
DoopselMatthijs Huveneers werd gedoopt voor 1615 te Paal? [België].1 
EigendomDe eigendomstransactie van Lambrecht Hermans met Peter Fredricx, geacteerd te Paal [België] op 31 maart 1651, verwijst naar Matthijs Huveneers als betrokken partij; Condities waarop Lambrecht Hermans met 'lauderinghe' van zijn 'huijsvrouwe' vanwege de 'erfdom', en Lenardt Coems voor de 'tochte' zekere percelen 'eerffven' te Paal gelegen, genaamd 'die Rijdtstucken', regenoten ten westen aan Peeter Moens, ten oosten aan de erfgenamen van Jacob Thonis, ten zuiden aan Jan Keunen. 'Item', noch een 'heijthoeve oft scomme', niet erg vruchtbaar land], genaamd 'den Molenpadt', regenoten ten westen aan Peeter Fredericx, ten oosten aan 'die Croucstraeten'.
Ten 1ste. Wanneer de palmslag van 'dese eerffve' zal gegeven zijn, zal de koper daarop zoveel hogen mogen zetten als het hem belieft, telkens 2 gulden voor ieder hogen. Half tot profijt van de verkoper en hal tot profijt van de koper.
Ten 2e zal deze koop in de kerk van Beringen behoorlijk geroepen worden, driemaal [telkens] om de 14 dagen, waarna dan de kaars zal ontstoken worden, ofwel op een datum naar believen van partijen.
Ten 3e gedurende de proclamatie en het branden van de kaars zal iedereen zoveel hogen mogen zetten als het hem belieft, zoals hier boven [aangegeven].
Ten 4e. In het geval iemand hoogt, en de kaars op hem uitgaat, en hij de koop niet kan voldoen, zal men om anderen niet te kort te doen, de kaars opnieuw ontsteken. Als het goed later minder zal opbrengen, zal dit met 'parate executie' op de 'gebreeckelijcken' worden verhaald
Ten 5e. Wie afgehoogd wordt zal zijn hogen moeten verhalen op de laatste hoger, die zal 'verobligeert' zijn hem dadelijk te betalen, inclusief de onkosten zoals 'coepgeldt', 'lijcoop', 'godtpenninck', schrijfgeld en 'andersints'.
Ten 6e als er bij het uitgaan of branden van de kaars een misverstand zou zijn, zal dit beslecht worden voor de schepenen zonder verder beroep.
Ten 7e waranderen de voorschreven verkopers dat de voorschreven percelen niet belast zijn behalve met de cijns, daaraan verbonden, en met de 'servituijten' van de weg, waartoe het goed verplicht is, en verder niets.
Ten 8e zal Matthijs Huveneers de huur van de voorschreven percelen [mogen] blijven gebruiken tot de eerstkomende hoogmis, waarna de koper het zelf zal mogen innemen. Op datum van de gicht zal deze 200 gulden plus de onkosten betalen en de resterende 'cooppenninghen' tussen Sint-Andries [nvdr. 30 november] en Kerstmis eerstkomend.
Volgens deze condities heeft op heden 15 februari 1651 Peeter Fredericx in zijn huis te Paal in presentie van mr. Waulther Van Hoeven en Jan Anthonij 195 gulden gezet, een souverain gouden munt] als drinkgeld, te verdelen tussen de twee verkopers, godtspenninck 2 schellingen voor de Sint-Janskapen te Paal, schrijfgeld een halve pattacon. En zo heeft Peeter Fredericx van de voorschreven verkopers de palmslag ontvangen. Tezelfdertijd heeft Peeter Fredericx in presentie van [getuigen] als hier boven zijn koop verbeterd met 10 hogen, die Phlips Jans heeft afgekocht met 2 hogen, die Peeter Fredericx weer afgekocht heeft met 3 hogen. Was ondertekend door 'testor' Phlips Jans, notaris.
Op heden 31 maart 1651 zijn andermaal de proclamaties gedaan in de kerk van Beringen volgens condities en is de kaars over de percelen grond daarin vermeld wettelijk ontstoken en 'van s'heeren weeghen' gebannen. Bij het uitgaan is [het goed] aan Peeter Fredericxs verbleven. In de kwaliteit als voorschreven met 'lauderinghe' van Jacquemine La Pont, 'huijsvrouwe' van Lambrecht Hermans, releveren de twee verkopers in handen van medeschepenen Crounarts en Maes en dragen [het goed] op ten behoeve van Peter Fredericx, die daarin wordt gegicht. Ze verklaren met 'hender couppenninghen' tevreden te zijn, wetende dat Peeter de 200 gulden die hij op datum van de gicht schuldig is, binnen 14 dagen tot drie weken zal betalen, en de resterende som tussen Sint-Andries en Kerstmis. Als hij in gebreke blijft van betalen zal hij daarop een behoorlijke intrest betalen naargelang de periode 'den penninck twintich' [nvdr. aan 5%]. Naar believen van partijen zal hij voor een competente rechter daarvoor gicht en 'goedenisse' vergoeding] doen en is 'in hoeden gekeert'.
Anno 1652 op 19 september heeft Frans Croonarts op last van Lambrecht Hermans Peter Fredericx gekweten van de voorschreven verkoop. Hij verklaart dat Lambrecht voorschreven in alles volledig is voldaan en betaald.1
OverlijdenHij overleed na 31 maart 1651 te Paal? [België].1 

bronvermelding(en)

  1. [S145] Schepenbank Beringen, Rijksarchief Hasselt, 1651, boek 40, p.298v.