Marcel Jean Louis Fredrix1

IDnr.14250, ° 28 juni 1920
VaderLouis Guillaume Fredrix1 ° 2 juni 1891, + 10 april 1937
MoederFrances Annie Wallis1
Stamkaartenafstammelingen van Laurentius Vrerix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van Laurentius Vrerix [boxformaat]
GeboorteMarcel Jean Louis Fredrix werd geboren op 28 juni 1920 te Derby [United Kingdom].1
HuwelijkHij huwde met Daisy Gertrude Bailey op 20 april 1946 te Derby [United Kingdom].1

bronvermelding(en)

  1. [S109] Opzoekingen door Elza Frederix.

Marcelle Hélène Fredrix

IDnr.15695, ° 4 oktober 1905
MoederMarie Fredrix1 ° circa 1884
GeboorteMarcelle Hélène Fredrix werd geboren op 4 oktober 1905 in de Mariastraat, c.40 te Brugge [België]. In het document wordt vermeld: 'Zij wordt geboren om 9 uur 's morgens. De aangifte gebeurt door Marie Perneel (53 jaar, vroedvrouw) met als getuigen Jean De Deyne (62 jaar, bediende) en Charles Heyse (79 jaar, werkman), allen van Brugge.1'

bronvermelding(en)

  1. [S376] Burgerlijke Stand Brugge, Archief stad Brugge, 1905, geboorten, p.277, akte 1105.

Margareta Fredrix

IDnr.13951, ° 30 mei 1618, + voor 11 juni 1630
VaderCornelius Fredrici1 ° 9 maart 1598
MoederGertrudis Vrindts1 ° voor 1599
DoopselMargareta Fredrix werd gedoopt op 30 mei 1618 te Sint-Truiden [België].1
OverlijdenZij overleed voor 11 juni 1630 te Sint-Truiden? [België]. De tekst vermeldt: 'Er wordt op 11.06.1630 een tweede Margareta gedoopt.2' 

bronvermelding(en)

  1. [S289] Parochieregisters Sint-Truiden, Rijksarchief Hasselt, digitaal stadarchief, www.pallas.be/sast/prr, parochie Onze-Lieve-Vrouw, doopsels C, 1608-1621, 1618, p.424.
  2. [S289] Parochieregisters Sint-Truiden, Rijksarchief Hasselt, digitaal stadarchief, www.pallas.be/sast/prr, parochie Onze-Lieve-Vrouw, doopsels D, 1622-1636, 1630, p.308.

Margaretha Fredrix

IDnr.334, ° circa 1586, + 11 april 1640
VaderAerdt Fredrix ° circa 1555, + tussen 2 maart 1623 en 9 mei 1624
MoederMaria Van Hese ° circa 1560, + 8 november 1639
Stamkaartenafstammelingen van Arnout Fredrix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van Arnout Fredrix [boxformaat]
NaamvariatieMargaretha Fredrix werd ook Frerix genoemd. 
DoopselZij werd gedoopt circa 1586 te Lummen? [België].1 
HuwelijkZij huwde met Vincentius Lijnen, zoon van N. Lijnen, op 8 november 1609 te Lummen [België]. De akte vermeldt: 'Het huwelijk werd ingezegend voor getuigen en vrienden.1' 
ErfenisMargaretha Fredrix en Arnoldus Lijnen waren op 29 april 1638 te Lummen [België] erfgenamen van Vincentius Lijnen. De akte verwijst ook naar Petrus Neven, Lambrecht Truijens, Coenraerdt Van Haeren, Jan Hoetselen, Joannis Lijnen en Peeter Aerdts als betrokken partij. De akte luidt als volgt: 'Testament van Vincent Leijnen ter goedkeuring voorgelegd door zijn weduwe Margrita Frericx. Opgesteld door Petrus Neven, pastoor te Lummen op 20 oktober 1637. Hij vermaakt zijn vrouw tot schuldbehoef, 300 gulden, te halen op zijn goed. Aan zijn zoon Aerdt, 6 gulden 's jaars staande op panden van Lambrecht Truijens. Getuigen: Coenraerdt Van Haeren en Joannes Hoetselen. Het merkteken van Van Haeren is een molenijzer.
Gerichtsbode Jan Puts dagvaardde Jan Hoetselen en schepen Peeter Aerts dagvaardde Coenraerdt Van Haeren, die de inhoud van het testament bevestigen. Ze werden gedagvaard op verzoek van Joannis Leijnen cum suis en Margareta Frericx. De pastoor erkent het 'op zijn priesterlijke borst' als door hem geschreven. Het testament wordt goedgekeurd. W.g. Peter Aerts Vrancken, secretaris.2'
 
OverlijdenZij overleed op 11 april 1640 te Lummen [België]. De tekst vermeldt: 'De familie zorgt zelf voor het licht (kaarsen).3' 
EigendomDe eigendomstransactie van Jacop Coppens met Joannes Fredrix, geacteerd te Lummen [België] op 4 mei 1640, vermeldt eveneens Margaretha Fredrix; Jacop Coppens heeft publiek verkocht een hof met de hoffstede zoals hij die onlangs met risch ende reijs in teecken van possessie verkregen heeft van Henrick Stessens zaliger. Palende O. de erfgenamen Wauter Jans, W. de erfgenamen Lenaert Jans, N. de straat. Wie de palmslag krijgt, ontvangt ook een dobbele ducaat voor zijn kloek gebod. De hof is enkel belast met 25 stuivers jaarlijkse grondcijns en voor iedere stuiver meerlast zal de verkoper 20 stuivers ontlasten. Godsgeld: 1 pattacon, waarvan de helft voor de Minnebroeders, de andere helft voor de Cappucinen, beiden binnen Hasselt. Voor verkopers vrouw Cattelijn Gielis, 1 dobbele ducaat tot een kermisse. Schrijfgeld en het maken van de billetten: 1 pattacon.
Eerste zitdag op 13 maart 1640. Voor notaris Hendrik Swijsen, Lummen, geeft Jacob Coppens de palmslag aan heer en mr. Jan Fredricx, priester en pastoor te Hasselt en landdeken in het district Hasselt. Voor 325 gulden Brabants en 2 hogen. Margariet Fredricx stelt nog 1 hoge. De pastoor-deken nog 1 hoge. Gedaan te Hasselt in het pastoreel huis. Getuigen: Jan Sleenaerts, oud-burgemeester der stad en Adriaen Huveners van Lummen, dienstbode van de notaris.
Op 4 mei 1640 verklaarde gerechtsdienaar Jan Puts voor de binnen Vrijheidse schepenen, de continuele kerkgeboden gedaan te hebben, zo door hem als door Willem Lambrechts zijn mede-broeder en dienaar, van 14 dagen tot 14 dagen binnen de kerk van Lummen, 'met affixie van billet deser coops opt kerckhelleken aldaer'. Na uitgang der kaars verbleven aan mr. Jan Fredricx.4 
EigendomDe eigendomstransactie van Henrick Borremans en Elisabeth Leijnen, samen met Renier Borremans, Maria Lijnen en Catharina Leijnen, met Huijbrecht Lenardts en Maria Aerdts, geacteerd te Diest [België] op 31 december 1663, vermeldt eveneens Margaretha Fredrix; Akte van notaris Carel Gautiers van Diest. De inhoud luidt als volgt. Er is een minnelijke schikking getroffen in een onbeslecht proces voor de schepenen van Lummen tussen de kinderen en erfgenamen van Margareta Fredrix, de aanleggers, en de weduwe Jan Lijnen en daarna Huijbrecht Lenardts die de weduwe huwde, de gedaagde. Henrick Bormans als man van Elisabeth Lijnen, Reijnier Bormans als man van Maria Lijnen, Catharina Lijnen, begijntje op het begijnhof te Diest met notaris Jan Vanden Laer als haar momber, enerzijds, en Huijbrecht Lenardts als man van Maria Aerdts, weduwe Joannes Lijnen, ten andere zijde. De eerste comparanten dragen over aan de tweede hun vierde part in de goederen die eertijds gevallen waren tot behoef van Joannes Lijnen. De tweede belooft aan de eerste twee elk 300 gulden te geven voor 1 maart e.k. En elk 1 gouden souverain binnen een tiental dagen. Het begijntje krijgt 20 pattacons eens omdat ze zich met het proces niet heeft bemoeid. Getuigen: Wilbordt Jonckjans van Beringhen en Mattens Withoff.5 
EigendomDe eigendomstransactie van Henrick Borremans en Renier Borremans, samen met Maria Lijnen, Elisabeth Leijnen, Catharina Leijnen en Arnoldus Lijnen, met Huijbrecht Lenardts en Maria Aerdts, geacteerd te Lummen [België] op 28 februari 1664, vermeldt eveneens Margaretha Fredrix; Huijbrecht Lenardts als man van Maria Aerdts weduwe van Joannes Lijnen is q.q. in proces geweest over zeker erven afgekomen van wijlen E.H. Joannes Fredrici, in leven pastoor en landdeken te Hasselt, erven die hij in zijn testament gefideicommitteert had en die na zijn dood gegaan zijn naar de kinderen van Margarita Fredricx, waar Vincent Lijnen vader van was. Over dat proces is een transactie gemaakt tussen Henrick Bormans en Renier Bormans als respectievelijk mannen van Marie en Elisabeth Lijnen, kinderen van voornoemde Vincent en Margarita. Met nog Catharina Lijnen, zuster van hun huisvrouwen. Erven, actiën en renten, waar ook gelegen, fideicommis subjest zijnde en door Huijbrecht Lenardts q.q. bezeten, zullen nu en altijd erfelijk blijven aan Huijbrecht Lenardts, zijn vrouw en erfgenamen. Mits een som door hen te betalen aan voornoemde Bormans cum sorore, luidens akte voor notaris Gautiers in Diest. Aerdt Lijnen broer van voornoemde Cattlijnen en zwager van voornoemde Bormans pretendeerde part en deel in voornoemde erven, maar voegde zich tijdens het proces met Bormans, door in de transactie te consenteren en zijn deel te laten aan Huijbrecht Lenardts, diens vrouw en erfgenamen, voor 400 gulden Brabants. Heer Fredricx was oom van Aerdt Lijnen. De procureur van Aerdt Lijnen, met name mr. Lenardt Vanden Vinne krijgt van hem 2 pattacons. Lenardts betaalt Aerdt Lijnen met een rente van 15 gulden 's jaars, staande op panden van Servaes Lucas, binnen de Vrijheid. Goed voor 300 gulden. De 100 overige gulden betaalt hij met kerstmis of hij geeft er rente van.6 

Familie

Vincentius Lijnen ° circa 1585, + 5 nov 1637
Kinderen

bronvermelding(en)

  1. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 552, 1609, huwelijken, p.10.
  2. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.94v.
  3. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 554, 1640, overlijdens, p.49 (p.27).
  4. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.108v.
  5. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 59, 1663, p.106v.
  6. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 59, p.105.
  7. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 547, 1610, doopsels, p.68.
  8. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 547, 1612, doopsels, p.92.
  9. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 547, 1614, doopsels, p.114.
  10. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 547, 1616, doopsels, p.140.

Maria Fredrix

IDnr.320, ° 29 september 1707, + tussen 16 december 1750 en 22 juni 1770
VaderJoannes Fredrix ° 19 juni 1667, + 12 augustus 1749
MoederCatharina Corthauts ° 20 november 1672, + 10 januari 1746
Stamkaartenafstammelingen van Arnout Fredrix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van Arnout Fredrix [boxformaat]
afstammelingen van Christiaen Fredrix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van Christiaen Fredrix [boxformaat]
DoopselMaria Fredrix werd gedoopt op 29 september 1707 te Lummen [België] met als peter Bartholomeus Thunis en als meter Maria Bausen.1 
HuwelijkZij huwde met Gerardus Gijsens circa 1735 te Lummen? [België].2 
ReliefNa het overlijden van Joannes Fredrix en Catharina Corthauts releveren Joannes Fredrickx, Gerardus Gijsens, Maria Fredrix en Catharina Fredrix op 25 september 1749 te Lummen [België] . De akte luidt als volgt: 'Op 25 september 1749 compareren voor ons, schepenen van Lummen naar Loons recht, Jan Frederix en Geerdt Gijsens als man en momber van zijn vrouw Marie Frederix, in eigen naam en voor hun consorten namelijk [Cathari]ne Frederix en de achtergelaten kinderen [van hun zuster] Elisabeth Frederix. Ze hebben verzocht te releveren de helft van twee dagmaal 'broux' genaamd ‘den Graubaert’, gelegen te Gestel, waarvan de wederhelft toebehoort aan Jan Geerdts van Genebos. Palend in zijn geheel aan Rombaut Vaes ten zuiden, aan Jacobus Van Den Ardewegh ten westen, aan Jan Frederix voorschreven ten oosten en aan Jan Anthoon Put ten noorden. Verder de helft van een stuk ‘broux’ genaamd ‘den Kummerlier’, samen twee daghmael groot, waarvan Jan Anthoon Put de helft bezit, het geheel palend aan Jan Persoons ten oosten, de ‘Maelbeeck’ ten noorden, en aan Hendricus Put ten westen en henzelf ten zuiden. Dit alles is hen toegekomen na de dood van Jan Frederix en Catharina Corthouts, hun ouders. Kosten: 3 – 15; 2 – 16 – 1; samen 6 – 11 – 1.
Op dezelfde dag verschenen de voorschreven Jan Frederix en Geert Gijsens, die verzoeken om, na de dood van hun voorschreven ouders, een huis en hof te releveren, in Schulen gelegen, palend aan de straat ten westen, hun eigen erf ten zuiden en ten oosten, en de Winterbeeck ten noorden. Kosten 3 – 15; 0 – 7 – 0: samen 4 – 2; alles tesamen: 10 – 13 – 1.2'
OverlijdenZij overleed tussen 16 december 1750 en 22 juni 1770 te Paal? [België]. De tekst vermeldt: '[bij een lening van 22.06.1770 door Geeradus Gijsens, IDnr_1312] ...Geerard Ghijsens als man van zijn eerste vrouw Maria Fredrix...3' 
ReliefNa het overlijden van Gerardus Gijsens en Maria Fredrix releveren Anna Pieters, Jan Andries Pieters, Wilhelmus Houben en Catharina Fredrix op 4 december 1777 te Lummen [België] . De akte luidt als volgt: 'Hendrick Van der Heijden man en momber Anna Pieters, Jan Andries Pieters, Willem Houben nomine uxoris Catharina Fredrix verzoeken te releveren het goed dat hen is aangekomen na de dood van Geert Geijsen en Maria Fredrix "van suster en susters kinderen zaliger": huis en hof gelegen in Schuelen; "van vier parceelen den heer advocaet Hilst, jouffr. Hussen en Merten Oppre, Agita Van Kosen, Renier Lecleer oosten, die heeren straet noorden, den heer Briers westen, den heer advocaet Hilst suijden"; een perceel land genaamd "het Groet Velt" in Schuelen, grenzend de heer advocaat Hilst W, jouffr. Hussen Z, s' heeren straet O, Lambertus Lambrechts N; een perceel land genaamd "den Sterff Pierinck" in Schuelen, palend Jan Stappers O, Barbera Belmans N, mijnheer Libeton W, s' heeren straet Z.
In de marge:
00 = 15 = 0
11 = 05
12 = 00 = 0.4'
 

Familie

Gerardus Gijsens ° circa 1710, + tussen 22 jun 1770 en 4 dec 1777
Kinderen

bronvermelding(en)

  1. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 549, p.203.
  2. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 90bis (bundel 2).
  3. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 91, 1767-1772, p.221v.
  4. [S27] Schepenbank Lummen - Brabants Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 93, 1775-1777, Folio 74r.

Maria Fredrix

IDnr.351, ° circa 1630, + na 7 juni 1674
VaderPeter Fredricx ° voor 1595, + tussen 19 september 1652 en 26 april 1657
MoederN. (eerste vrouw) N.1 ° circa 1600, + na 1633
Stamkaartenafstammelingen van Matteeuwis Frerix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van Matteeuwis Frerix [boxformaat]
DoopselMaria Fredrix werd gedoopt circa 1630 te Beringen? [België]. 
HuwelijkZij huwde met Henricus Van Haeckendover op 24 april 1652 te Lummen [België] met als getuigen Joannis Lijnen, Joannes De Ridder en Arnoldus Fredrix. De akte vermeldt: 'Het huwelijk werd ingezegend door Nicolaus Hermans 'met het rode zegel'. Er wordt expliciet vermeld dat er geen belet was tegen dit huwelijk en dat de Prinsbisschop van Luik hiervoor zijn toestemming heeft gegeven.2'
ReliefNa het overlijden van Arnoldus Fredricx releveren Maria Fredrix op 9 juli 1654 te Lummen [België] . De akte luidt als volgt: 'De kinderen Aerdt Frerix van Ghnycken. De kinderen van Aerdt Frerix alias Mesters releveren het versterf dan hen na de dood van hun ouders is aangekomen. Het gaat om het 'Swanen Hoeffken' in Genycken, een beempt genaamd 'd'Aelst' en al wat hier nog sorteert.3' 
ReliefNa het overlijden van Geertruijt Peeters releveren Maria Fredrix en Arnoldus Fredrix op 2 januari 1659 te Lummen [België] . De akte luidt als volgt: 'Maria Frerix releveert het versterf dat haar is verstorven na de dood van haar moederlijke "moeije" Geertruijt Peeters en waar Claes Tijs als tochter onlangs is uitgestorven. Aerdt Fredrix kwam in de naam van Marie ter gichte.4' 
ErfenisDe erfenis door Arnoldus Fredrix en Henrick Peeters geacteerd te Lummen [België] op 6 februari 1659, verwijst naar Maria Fredrix als betrokken partij; Scheiding en deling tussen Henrick Peeters en Aerdt Frerix in de naam van zijn zuster Marie Frerix, van wie hij volmacht kreeg voor notaris Peeter Maes binnen Diest, aangaande goederen hen respectievelijk aangekomen na de dood van Geertruijt Peeters, waar Claes Tijs onlangs als tochter is uitgestorven.
Kavel 1: a) die hoffstadt in Gestel gelegen, grenzend de erfgenamen Lambrecht Srijcken, O Henrick Peeters voorschreven, N de straat; b) de helft van de hof daar, groot in het geheel 6 halsters, grenzend Henrick Peeters voorschreven O en N; c) de helft van "de Kempeners Schomme", groot 4 halsters saeijens; d) de helft van een beemd genaamd "den Peerdtsbeempt". Van de twee laatste percelen heeft Aerdt q.q. de keuze om de helft te kiezen. e) het zesde deel van een euwsel genaamd "het Puttens Eeuwsel". Deze kavel viel aan Henrick Peeters.
Kavel 2: a) de wederhelft van de hof uit voorgaande kavel, palend N en Z Henrick Peeters voorschreven, O Valentijn Dierix; b) de wederhelft van "den Peerdts Beempt", vernoemd in voorgaande kavel, westwaarts; c) de wederhelft van "de Kempeners Schomme" oostwaarts. De 2 laatste volgens de keuze van Aerdt Frerix. d) een perceel broek genaamd "die Gueren" waarin de voorschreven Henrick Peeters de hofstad heeft in de voorgaande deling gesteld. e) Deze kavel krijgt nog 2 bomen: de ene is afgehouwen en ligt in de voorschreven hof, de andere staat in de voorschreven Peertsbeempt. f) 3 vierdel broek gelegen int gemeijn broek. Kavel toegevallen aan Aerd Frerix q.q.
Ieder perceel zal "sijnen bequaemen wech hebben". De rente van 3 gulden jaarlijks staande aan de Kempeners Schomme, te betalen aan de rentmeester van Pelt, zullen de partijen gelijk dragen. Elk perceel zal zijn grondcijns dragen. De opgaande bomen zullen de partijen gelijk delen. Opgemaakt in Meldert in het huis van Adriaen Jans in aanwezigheid van heer Jan Lemmens, pastoor van Meldert, en Adriaen Jans als getuigen op 1 februari 1659 door Arnoldus Marien, secretaris in Meldert.
Op 6 februari hebben de partijen op elkaars erfdeel "vertegen met recht" en is ieder in zijn gedeelte gegicht met recht.5 
EigendomHenricus Van Haeckendover verkocht, samen met Maria Fredrix, een goed aan Lambrecht Claes volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 13 mei 1660. De akte luidt als volgt: 'Henrick Van Haeckendovere als man en momber van Maria Frerix alias Meesters - van wie hij de toestemming zal inbrengen - draagt op tot behoef van Lambrecht Claes alias Tijs een perceel broek van 2 dachmael groot genaamd "den Brandt" onder Ghestel gelegen, grenzend Aerdt Celen N, Silvester Gaethoffs O, Melchior Schots W. Niet belast boven de grondcijns. Alles volgens onderstaande notariële akte. Lambrecht Claes kwam ter gichte.
Substantiële condities. Iedere hoge geldt 2 gulden Brabants eens, half voor de verkoper en half voor de hoger. De laatste hoger moet op dag van gichten de volledige koopsom betalen zowel als godspenninck 5 stuivers, lijcoop naer landtcoop, schrijfgeld van de conditie 2 gulden en alle verkoopskosten zonder te korten aan de koopsom. Op 13 mei verscheen bij de notaris in de vrijhijt Lummen Henrick Van Haeckendovere die verklaarde dat hij de palmslag over de verkoop gegeven had aan Lambrecht Claes alias Tijs als hoogste bieder voor de som van 300 gulden Brabants eens. Die stelde daarop nog 22 hogen, Jan Lindtmans nog 1 hoge, Lambrecht voorschreven nog 1. Getuigen Claes Tonis en Aerdt Vleminx. Petrus Aerts notaris.
Op 13 mei werd de kaars wettelijk ontstoken en gebannen en bij het uitgaan bleef de koop aan Lambrecht Claes.6'
 
ReliefNa het overlijden van Tilmanus Fredricx releveren Arnoldus Fredrix, Maria Fredrix, Matthias Fredrix, Joannes Fredrix en Henricus Van Haeckendover op 21 oktober 1660 te Lummen [België] . De akte vermeldt verder ook Lambrecht Truijens, Matteeuwis Dries, Jan Gielis, Aerdt Van Uytricht en Vincent Reijnders. De akte luidt als volgt: 'Matteeuwis, Aerdt en Jan Fredrix en Jan Van Haeckendover man en momber van (Marie?) Frerix releveren het versterf dat op hen is verstorven na de dood van hun broer Tielman Fredricx. Het gaat om “den Hagendoren Hoff” in Laren, een beemd in Meldelaer, “den Halmael”, 5 gulden jaarlijks aan panden van Lambrecht Truijens, 7 gulden 10 stuivers jaarlijks aan panden van Matteeuwis Dries, 5 gulden jaarlijks aan panden van Jan Gielis, aan panden van Aerdt Van Uytricht 3 gulden, 5 gulden aan Vincent Reijnders panden.7' 
EigendomMaria Fredrix en Henricus Van Haeckendover verkopen een goed aan Joannes Fredrix volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 7 juni 1663. De akte luidt als volgt: 'Henrick Van Haeckendovere als man en momber van Marie Fredricx, van wie hij de instemming belooft in te brengen, draagt op tot behoef van zijn zwager Jan Fredricx een Block onder Groelaeren gelegen, genaamd “t’Schijvens Block”. Dit goed was eerder onbehoorlijk gegicht in de Brabantse bank voor de som van 320 gulden Brabants eens Luikse munt, godspenninck 5 stuivers, lijcoop naer landtcoop. Jan Fredricx kwam met recht ter gichte. Het goed is enkel belast met de grondcijns.8' 
NaamvariatieZij werd ook Meesters genoemd.9 
LeningMaria Fredrix leende aan Simon Bervoets de som van 100 gulden bbl aan 6% intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 7 juni 1674. Deze verwijst ook naar Arnoldus Lijnen als betrokken partij. De akte luidt als volgt: 'Simon Bervoets Simons zoon leent van Maria Fredrix alias Meesters 100 gulden Brabants Luiks à 6%. Pand: 2 halsters land met aangelegen dries. Palende het geheel: Z. de Schansdijck; W. Lambrecht Truijens; N. de erfgenamen Lambrecht Loomans; O. het Schanshofken. Aert Lijnen is als momber of curateur van Maria Fredrix ter gichte gekomen. Bervoets betaalde de hofrechten.9' 
OverlijdenZij overleed na 7 juni 1674 te Lummen [België].9 

bronvermelding(en)

  1. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 547, 1612, doopsels, p.87.
  2. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, 1652, huwelijken, p.26.
  3. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 84, 1654, p.382v.
  4. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 85, 1659, p.120.
  5. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 85, 1659, p.134.
  6. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 85, 1660, p.253.
  7. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek nr. 85, 1660, p.294.
  8. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek nr. 85, 1663, p.570.
  9. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 59, folio 255.

Maria Fredrix

IDnr.466, ° 27 januari 1702, + 23 november 1739
VaderCornelius Fredrix ° 14 september 1664, + 9 november 1715
MoederGertrudis Daniels ° 27 maart 1664, + na 27 januari 1702
Stamkaartenafstammelingen van Matteeuwis Frerix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van Matteeuwis Frerix [boxformaat]
DoopselMaria Fredrix werd gedoopt op 27 januari 1702 te Lummen [België]. 
HuwelijkZij huwde met Franciscus Bockaer voor 29 januari 1728.1 
OverlijdenZij overleed op 23 november 1739 in Schalbroek te Lummen [België] in de ouderdom van 37 jaar.2 

Familie

Franciscus Bockaer ° voor 1705, + 30 sep 1750
Kinderen

bronvermelding(en)

  1. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 550, p.28.
  2. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 556, p.48.