Gerardus Frericx

IDnr.368, ° circa 1584, + 21 november 1639
VaderAerdt Fredrix ° circa 1555, + tussen 2 maart 1623 en 9 mei 1624
MoederMaria Van Hese ° circa 1560, + 8 november 1639
Stamkaartenafstammelingen van Arnout Fredrix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van Arnout Fredrix [boxformaat]
DoopselGerardus Frericx werd gedoopt circa 1584 te Lummen? [België]. 
HuwelijkHij huwde met Margaretha Thonis, dochter van Jan Tonis, op 24 februari 1609 te Lummen [België]. De akte vermeldt: 'Het huwelijk wordt plechtig ingezegend in bijzijn van de ouders, vrienden en getuigen.1' 
LeningWouter Vande Venne leende aan Gerardus Frericx de som van 13 Rinsgulden Brabants aan 20 stuivers intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 14 november 1613. Ze vermeldt verder ook Aerdt Fredrix. De akte luidt als volgt: 'Wouter Vande Ven, Brabants officier, gemachtigd door de kerkmeesters van Coorsel, verkoopt aan Geert Frerix een hypoteek van 20 stuivers jaarlijks die de kerk trekt op een hoffstadt, den Bolaerts, van Aerdt Frerix, vader van Geert Frerix. Verkocht voor 13 Rinsgulden Brabants.2' 
EigendomJan Soeten verkocht een goed aan Gerardus Frericx volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 24 maart 1616. De akte luidt als volgt: 'Jan Soeten, mede voor zijn consorten, verkoopt aan Geert Frerix, hoffstadt den Boelaerts, palende mr. Gielis Schooffkens erfgenamen, de erfgenamen Peeter Clocluijers en de straat. Voor 2 Rinsgulden 17 stuivers eens boven 20 stuivers jaarlijks die Geert Frerix daar op trok. Godtspennink: 1 stuiver. Lijcop: 10 stuivers.3' 
EigendomAerdt Fredrix verkocht een goed aan Gerardus Frericx volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 15 juni 1617. De akte luidt als volgt: 'Aerdt Frerix verkoopt aan zijn zoon Geert Frerix: huis en hof te Westerhoven, palende Peeter Neven, het Bruckelen, de straat en Marten Beerten; een stuk erf, de Parijshoff, palende Maria Van Hamel, de beek, de straat en de erfgenamen Claes Vande Bogaert; belast met 2 vaten koren aan de Armen te Lumpmen; 2 cijnsgulden aan de Satrosen en de grondcijns. Voor 40 Rinsgulden jaarlijks boven de lasten; te kwijten met 650 Rinsgulden. Zo hij niet betaalt kan de vader met een conde tot het geleijt komen. Godtspennink: 1 stuiver.4' 
LeningGerardus Frericx leende aan Marten Beerten de som van 50 gulden aan 6% intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 5 april 1618. Deze verwijst ook naar Vincentius Lijnen en Simon Bervoets als betrokken partij. De akte luidt als volgt: 'Medeschepen Vincent Lijnen brengt ter registratie een gicht aan die geschied is voor hem en Simon Bervoets als gerechtsluiden, met de volgende inhoud. Op 22 februari 1617 heeft Marten Beerten 50 gulden à 6% geleend van Geert Frerix. Pand: huis en hof op het Vestereneijnde, palende Z. de straat; W. de erfgenamen Claes Vande bogaert en met 2 zijden Aerdts Frerix.
Beerten zal Frerix onderpand stellen voor de Loonse bank. Met een stuk broek in die Beijgeren, palende het Nieu beempten, Jan Moes, ter derder zijde de Bagijnen van Diest en de erfgenamen Mathees Tielens ter vierder.
P.S. Op 6 maart 1698 is deze rente gekweten door Jan de Rauw aan Caspar Frederici.5'
 
EigendomGeorgius Fredrix verkocht een goed aan Gerardus Frericx volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 29 juni 1618. Deze verwijst ook naar Mathias Fredrickx als betrokken partij. Ze vermeldt verder ook Margaretha Thonis. De akte luidt als volgt: 'Joris Frerix verkoopt aan zijn broer Geert Frerix ½ bunder broek op de Stockbeempden, palende Simon Bervoets, de erfgenamen Jan Baerdemaeckers en de erfgenamen Aerdt Swijsen. Voor 135 guden. Godtspennink: 2 stuivers. Belast aan de Armen met 7 of 7 ½ stuiver. Op deze koop zijn 100 gulden betaald, hem Geert gegeven door Mathees Frerix. Komen Geert Frerix met zijn huidige vrouw Margriet Thonis te sterven zonder wettige geboorte na te laten, dan moeten die 100 gulden keren naar de linagie zijner huisvrouw.6' 
LeningGerardus Frericx leende aan Jan Tsgranden de som van 100 gulden aan 6% intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 31 januari 1619. De akte luidt als volgt: 'De 100 gulden, volgens vorige gicht [Eigendom 31.01.1619] nog te betalen, worden in deze gicht geformuleerd in een leenakte.
P.S. Op 26 oktober 1623 heeft Geert Frerix aan Jan Luijcx de helft hiervan gekweten.7'
 
EigendomGerardus Frericx verkocht een goed aan Jan Tsgranden volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 31 januari 1619. De akte luidt als volgt: 'Geert Frerix verkoopt via des Loonse heren hand aan Jan Tsgranden, huis en hof, palende de erfgenamen mr. Gielis Scooffkens, de straat en de erfgenamen Peeter Clocluijers. Voor 200 Rinsgulden en 4 Rinsgulden tot een kermesse voor verkopers vrouw; 100 gulden te betalen binnen de 6 weken. Voor de andere 100 gulden zal hij 6% geven en het gekochte goed verpanden. Belast met 1 egenmenneken cijns. Lijcop: 5 gulden. Godtspennink: 1 stuiver.8' 
LeningGerardus Frericx leende aan Ida Mewen de som van 15 gulden Brabants aan 20 stuivers intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 26 maart 1620. Deze verwijst ook naar Peeter Coex en Peeter Poelmans als betrokken partij. De akte luidt als volgt: 'Peeter Poelmans verkoopt aan Geert Frerix voor 15 gulden Brabants de 20 stuivers jaarlijks, uit vorige gicht. Volgt de tekst. Peeter Coex verkoopt aan Peeter Poelmans een hypotheekje van 20 stuivers jaarlijks op een stuk land, het Luijtenlandt, van Ida Mewen; verkocht voor 15 gulden Brabants.9' 
EigendomDe eigendomstransactie van Jan Tsgranden met Jan Luijcx, geacteerd te Lummen [België] op 1 oktober 1620, vermeldt eveneens Gerardus Frericx; Jan Tsgranden verkoopt aan Jan Luijcxs: 1. huis en moeshof, dat hij zelf verkregen heeft van Geert Frerix. Palende de erfgenamen mr. Dionijs Vande Briel, met 2 zijden de straat en de erfgenamen Peeter Clocluijers ter vierder zijde. 2. Daarbij een beddekoets met een schapraai, 14 planken, 6 lange en 4 korte bruggen, zoals die daar gesneden liggen.10 
BeroepHij was kerkmeester te Lummen [België] op 14 april 1622.11 
EigendomValentijn Schepers verkocht een goed aan Gerardus Frericx volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 14 april 1622. De akte luidt als volgt: 'Valentijn Scepers verkoopt aan de kerk te Lumpmen een plaats of hoffstadt aan het kerkhof gelegen, palende N. de straat; W. de erfgenamen heer Mathijs Van Hoeffve en Z. het kerkhof. Voor 36 gulden Brabants. Belast met 30 stuivers aan de erfgenamen Jan Baerdemakers en 's heren grondcijns. Godtspennink: 1 stuiver. Lijcop: 12 stuivers. Namens de kerk is Geert Frerix ter gichte gekomen.11' 
AflossingGerardus Frericx ontving van Jan Luijcx de terugbetaling van een lening van 100 gulden aan 6% intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 26 oktober 1623. De akte luidt als volgt: 'De 100 gulden, volgens vorige gicht [Eigendom van 31.01.1619] nog te betalen, worden in deze gicht geformuleerd in een leenakte.
P.S. Op 26 oktober 1623 heeft Geert Frerix aan Jan Luijcx de helft hiervan gekweten.7'
 
EigendomGeijsen Heijloven verkocht een goed aan Gerardus Frericx volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 20 december 1629. De akte luidt als volgt: 'Geijsen Heijloven verkoopt aan de erfgenamen Aerdt Frericx van Lummen, drie vierdel broek gelegen op het Middelste brouck, wezende gemeen. Palende de genoemde erfgenamen, Jacob Schats, Peeter Aerdts alias Vrancken van Lummen en Jesper Poelmans erfgenamen. Voor 54 rinsgulden en ½ reijcxdaelder voor verkopers vrouw. Godtspenninck: 1 stuiver. Te betalen: 20 gulden bij het gichten, de rest bij het verjaren. Geert Frerix is in naam van zijn 'medegeringhe' als voor zich zelf ter gichte gekomen. Het geld is gekomen van een rente van 3 gulden jaarlijks afgelegd door Jan Moons binnen deze Vrijheid.12' 
HuwelijkHij huwde met Maria Dries voor 12 juni 1631 te Lummen? [België]. De akte vermeldt: '(financiële transactie van 26 februari 1637) ...Geert Frerix, man van Maria Dries...13' 
EigendomDe eigendomstransactie van Aerdt Dries met Jan Tsgranden, geacteerd te Lummen [België] op 12 juni 1631, verwijst naar Gerardus Frericx als betrokken partij; Voor de schepenen Aerdt Fredricx en Huijbrecht Van Peer, verschenen mr. Aerdt Dries, secretaris en Jan Scranden i.v.m. een koop tussen hun beiden. Mr. Aerdt Dries verkoopt aan Jan Scranden: 1. zijn huis gelegen binnen de Vrijheid, palende O. en N. Jan Bervoets; W. de erfgenamen Valenteijn Schepers en Z. de straat. 2. Een moeshof omtrent den Burchgracht, palende W. en Z. mr. Peeter Aerdts; O. de erfgenamen Peeter Clockleuijders en Adriaen Mimbiers; N. de straat. Voor 70 Rinsgulden. Getuigen: heer Jan Lemmens en Jan Baerdemaeckers. De koop is als volgt betaald: 2 Jacobus, het stuk ad 14 gulden. 1 Rosennobel, geteld voor 11 gulden. ½ Rosennobel voor 5 ½ gulden. 2 dobbel Alberteijnen, het stuk voor 7 gulden. Nog 3 oude gouden Philippen, het stuk ad 3 gulden 13 suivers. Nog 11 stuivers mijten.
P.S. Op 11 juli 1631 heeft Jan Scranden naderschap bekent aan Geert Frericx, bloedverwant van de verkoper. De gicht blijft in 'sheren hand tot Frericx koopsom en kosten integraal zal betaald hebben.
P.S. Op 23 juli 1631 bekent Jan Scranden naderschap aan Jannen Moons schoonsoen Aerdt Dries, nader bloedverwant als Geert Frerix. Moons betaalt.13 
AflossingGerardus Frericx ontving van Mattees Wiours de terugbetaling van een lening van 50 gulden aan 6% intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 26 februari 1637. Ze vermeldt verder ook Robert Wiours. De akte luidt als volgt: 'Geert Frerix, man van Maria Dries, kwijt de panden van de erfgenamen Robert Wiours, te weten een 'hoffstadt aan de groote eijcke' gelegen. Van 50 gulden à 6%. Wordt later bevonden dat de hypotheek groter was, dan zal Maria Wiours het tekort bijpassen. Mattees Wiours, één der kinderen van Robert, is ter gichte gekomen.14' 
LeningGerardus Frericx leende aan Henrick Beerten aan 3 gulden intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 1 oktober 1637. De akte luidt als volgt: 'Geert Frericx kwijt de panden van Henrick Beerten van 3 gulden jaarlijks, gecreëerd op 20 januari 1618.15' 
AflossingHenrick Swijsen en Joannes Richardus ontvingen van Gerardus Frericx de terugbetaling van een lening aan 2 gulden 2 stuivers intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 10 maart 1639. De akte luidt als volgt: 'Mr. Henrick Swijsen, gevolmachtigd door E.H. Joannes Richardus, prior der Sartroisen van Seelhem en met consent van het hele convent, kwijt huis en hof van Geert Frericx te Westerhoven van 2 gulden 2 stuivers jaarlijks. Daarna volgt de tekst van voornoemde volmacht. Ligging van huis en hof staan er als volgt beschreven: palende O. Geeraert Frerix; W. Henrick Beertens en de straat. Henrick Swijsen is schepen in Lummen. Gegeven voor notaris Dierck Fierens te Diest. Getuigen: Peeter Vrancx en Sebastiaen de Weerdt.16' 
OverlijdenHij overleed op 21 november 1639 in Geneiken te Lummen [België].17 
ErfenisDe erfenis door Georgius Fredrix en Joannes Fredrix, samen met Lambertus Morren en Arnoldus Frericx, geacteerd te Lummen [België] op 5 juni 1640, vermeldt eveneens Gerardus Frericx; Deling tussen de kinderen van wijlen Aerdt Frerix, alias Bosmans, waarvan Maria Van Hese de moeder was. De minuut is beschreven door Georgius Frerix, één der condividenten. De deling is gedaan in tegenwoordigheid en ten overstaan van 1) mr. Willem Neven, meier van het land van Lummen als toeziener en gebeden momber der achtergelatenen van wijlen Vincent Leijnen; 2) Jan Tonis als grootvader en momber der achtergelaten Geert Frerix; 3) Lambrecht Morren als toeziener en gebeden momber der achtergelaten Peeter Frerix; 4) heer Jan Frerix; 5) Joris Frerix en 6) Aerdt Frerix. Uit de algemene voorwaarden: de gewone last blijft op elk deel; wordt één of ander goed gemolesteerd, dan zal men de last samen dragen. De opgaande eikenbomen in de bos te Meldelaer, alsook in de Ceijl en het bosken te Gestel, die kapbaar zijn, zullen gedeeld worden. De eiken op de Dries en Lazareije beempt blijven staan tot reparatie en onderhoud van de bruggen. Het nagenoemde schaarhout zal men kappen en delen of verkopen: de Tielemanshoff; de Holeijcke tot Geneijcken; het Nief block te Laren; het Liemelaer; de Groote Scheijthaghe; het Heuffken; het Limelaer; den Langhen Wech; den Eijckenstock.
Kavel 1 is gevallen aan de kinderen van Vincent Leijnen verwekt aan wijlen Margriet Frerix: Den Cnoopshoff belast met ½ vat koren aan de Armen van Lummen. De Groote Scheijthage belast met 3 gulden jaarlijks aan Jan Wauters te Meldelaer. Die Tien amen. Die twee bleuxkens te Molem. Het beempdeken op de Molenwech met zijn lasten. Die Orseten op het gemeijn. Den bos aan de Vrebosch. Het bosken te Gheneijcken. Het bosken aan de Leerse heijde.
Renten: Aan panden: van Dioneijs Slegers te Meldelaer: -16-0 jaarlijks. Van Henrick Bervoets te Linckhaut: -6-0 jaarlijks. Van Aerdt Van Sonhoven te Linckhaut: 6 gulden. Van Cornelis Baerts te R(e)ckhoven: 6 gulden. Van Aerdt Reijnders te Molem: ½ mudde koren jaarlijks te kwijten met 20 stuivers en aan dezelfde nog 1 gulden; maakt -2-0. Van Jan Antoni onder Lummen: -6-0. Van Willem Vande Locht: -5-0. Van Matteeuwis Queijnen onder Linckhaut: 6 gulden. Van Teijs van Mierdt te Linckhaut: -6 gulden. Van Reijner Hemelers onder Ce(r)mpt: -2-0.
Kavel 2 is gevallen aan Joris Fredrix. De halven Tielemanshoff. Den Krieckel belast met ½ mudde koren aan St. Barbelen altaer en met 1 vat 1 vierdelinck evenen. Het Lindekensvelt. De Hoff te Gheneijcken, palende Aerdt Fredrix en de straat. Den Langhen beempt. Den Eijckbos te Meldelaer, de rijpe eiken uitgezonderd. De bos aan de Willekensberch.
Renten: Aan panden: van Willem Droochmans erfgenamen te Kermpt: -27-0. Van Servaes Moons te Molem: -3-0. Van Lambrecht Bervoets te Linckhaut: -3-0. Van Jan Hooghen te Spalbeeck: -16-0. Van Jan Rutten te Lummen: -6-0. Van mr. Henrick Swijsen te Lummen: -6-0. Van Henrick Slegers te Kermpt: -2-0. Deze deling moet dienen 10 gulden eens of 10 stuivers 's jaars, die de kinderen van Geerdt Frerix moeten geven.
Kavel 3 is gevallen aan de kinderen Peeter Frerix verwekt bij Hilleken Horions. De andere helft van den Tieleman. Beijde die Langewegh. Het Beldeken. Het Heuffken, palende Henrick Dries. De Cleijne Scheijthage. Het Tiewinckelsbrouck. Den Lazerije beempt. De helft van de bos verkregen tegen Jan Henijghen (?) met de helft van de eiken daarop staande; palende de erfgenamen Aerdt Puttmans. Die Hoeff op het Oostereijnde.
Renten: Aan panden: van Jan Betten erfgenamen te Kermpt: -21-0. Van Henrick Robijns nu Joris Fredrix: -15-0. Van Henrick vander Heijden alias Honinx: -16-15-0. Van Machiel Ludts te Meldert: -5-5-. Van de erfgenamen Anna Geerts te Meldelaer: -3-0. Van dezelfde: -1-10-. Van Aerdt Frerix ½ halster koren en aan de panden der erfgenamen Herman Holsteens: ½ halster; samen 1 halster koren.
Kavel 4 is gevallen aan Aerdt Frerix. Die Baltishoven te Teuijlt. Het Bevijsen hoeffken aldaar. Den Eecker. Die halve Hol eijcke te Geneijcken. Die Schommen te Linckhaut. Den beempt tot Buestelken belast met 15 stuivers. Die Seijl te Gestel. Die Boersheijde met de bos, belast met 3 ½ vat koren. De hofstede waarin zijn vader heeft gewoond. Het geheel gemeijn Middelste broeck.
Renten: Aan panden: van Nicolaes Schepers te Sonhoven: -25-5 st. Van Mertten Moris nu Vincent Leijnen kinderen: -12-0. Van Aerdt Druechmans te Buesteken: -4-0. Van Bertolomees Schepers te Laren: -3-0. Van Aerdt Jans te Linckhaut: -12 gulden. Van Peeter Vanden Deijck eertijds Soeij Gaethoffs: 2 gulden 10 stuivers.
Kavel 5 is gevallen aan heer Jan Frerix, pastoor-deken te Hasselt. Den Sneppershoff te Teuijlt. Die Schomme aan de Willekensberch. Het Mishoeffken te Teuijlt tegenover het eerste perceel van deze kavel. Het Nieuw block te Laren. De Dries op de beek te Lummen. Het Beempdeken en de Cleijnen helder, naast elkaar gelegen. De halven bos verkregen van Jan Henijgh met de helft van de opstaande eiken.
Renten: Aan panden: van de erfgenamen Jan Teulleners te Kermpt: -26-0. Van Jan Scheers erfgenamen te Kermpt: -1-0. Van Henrick Peeters te Gestel: -1-0. Van Tomas Timmermans: -18-0. Van Jan Moons: -3-0. Van Heuijbrecht van Peer: -6-0. Van Aerdt Frerix onze broeder: -6 gulden. Van Antoon Melco: 1-10-0. Van de erfgenamen Jan Vander Linden: -1-0.
Kavel 6 is gevallen aan de kinderen van Geert Frerix verwekt bij Margriet Antoni. Heijligeesthoffken opt Westereijnde. Het Driesken met de hof daar achter aan elkaar gelegen. De Pareijshof tegenover de huizinge en de straat gelegen, met de opstaande lasten. Het Cleuijs beempdeken te Ghestel. De bos verkregen van Peeter Putmans.
Renten. Aan panden: van de erfgenamen Tielen Van Herle: -10-0. Van Henrick Leijsen te Meldelaer: -7-10-0. Van Matteijs Peeters te Schuelen: -6-0. De hoffstadt in de plaetse te Lummen, waar ons grootvader Peeter Frerix heeft gewoond, met de lasten; boven die lasten gewaardeerd op 3 gulden jaarlijks. Van Aerdt Frerix onze broeder, 15 gulden te kwijten met 300 gulden. Het derde part van het goed te Burselken, gewaardeerd op 23 gulden 's jaars. Kavel 6 moet jaarlijks aan kavel 2 , 10 stuivers geven en nog 10 stuivers aan kavel 2 en 4.
Onverdeeld gebleven zijn: de We…lhoff achter Peeter Aerts. Nog ¼ van de bos waarvan de erfgenamen Jan Baerdemaeckers de andere delen hebben. Die Goorveuijlen.
Op 11 oktober 1640 verschenen voor de schepenen: heer en mr. Jan Frerix, pastoor-deken te Hasselt, Joris Frerix, Aerdt Frerix voor zich zelf, Jan Leijnen met zijn momber Oriaen Leijnen, zijn andere zusters en broers vervangende, Lambrecht Morren, in naam van zijn zoon verwekt aan Maria Frerix dochter van Peeter Frerix evenals voor de andere kinderen van Peeter voorschreven, Aerdt Frerix zoon van Geerd, zo voor hem zelf als voor zijn andere broers en zuster. Ze keuren de deling goed. De bruggen op de Molenwech en te Molem staan tot last van de gemeenschap; ze zullen de reparatiekosten gelijk delen.18 
ErfenisDe erfenis door Matteeuwis Dries geacteerd te Lummen [België] op 28 april 1644, vermeldt eveneens Gerardus Frericx; Matteeuwis Dries legt ter goedkeuring het testament voor van zijn vrouw Maria Frerix, die de dochter is van Geerdt Frerix. Het testament dateert van 18 februari 1644 en werd geschreven door pastoor Peeter Neven. Inhoud: 50 gulden aan het broederschap van het heilig sacrament. Aan haar man, 100 pattacons. Gedaan ten huize van de testatrice te Westerhoven gelegen. W.g. Maria Fredrix, Henrick Beertens, Aerdt Vanden Berghe. Op verzoek van Matteeuwis Dries komen de pastoor en getuigen Beerten en Vanden Berghe op 13 oktober 1644 de echtheid van het testament bevestigen. Testament wordt goedgekeurd. W.g. Peeter Aerts, secretaris.19 
EigendomDe eigendomstransactie van Christianus Jans met Willem Tonis, geacteerd te Lummen [België] op 22 april 1655, vermeldt eveneens Gerardus Frericx; Christiaen Jans draagt op tot behoef van Willem Tonis het goed dat in de volgende conditie wordt omschreven. Willem kwam ter gichte. Pontgeld 26 - 5 stuivers.
Condities. Verkoop door Christiaen Jans van goederen onder Lummen gelegen: A) 2 sillen broek omtrent de schans van Meldelaer, palend Willem Tonis O., Jan Pops W., Henrick Cuypers N; B) een sille gelegen over de vloetgracht, regenoten Henrick Cuypers aan 2 zijden, de beek aan de derde; C) een sille broek in Laren palend Barttel Aerdts 1), Aerdt Aerdts 2), de onmondige kinderen van Wilboerdt Aerdts 3); D) een hoefffken in Meldelaer aan de vroente gelegen, grenzend Willem Tonis aan 2 zijden; E) een sille land omtrent de karbane gelegen, grenzend Cattlyn Huygen aan 2 zijden, de karbaan ter 3er.
Lasten: op de 2 sillen broek 7 gulden 10 stuivers jaarlijks Brabants aan de erfgenamen van Geert Fredrix; op B) 2 gulden Brabants jaarlijks aan Aerdt Fredrix van Hasselt; het hofje in Meldelaer D) met 5 gulden jaarlijks aan Henrick Cuypers met zijn consorten. Deze lasten zullen aan de koopsom korten, met uitzondering van sheren chyns van de gronden. Deze goederen worden verkocht met palmslag, hogen en uitgang van de brandende kaars na 3 roepen in de kerk van Lummen 'van vertien daegen tot vertien daegen te doen'. De meestbiedende zal voor zijn goed bod 2 pattacons Brabants profiteren en zal als eerste zoveel hogen mogen stellen als hem belieft. Iedere hoge geldt 2 gulden half voor de koper en half voor de verkoper. Tot het einde van de huurperiode zal de koper jaarlijks de huur optrekken. Volgende oogst zal de laatste hoger het Heuffken mogen aanvaarden dat door de verkoper bezaaid werd, 'soo haest als hij sijne vroeme daer van oft aff sal getrocken hebben'.
De koper moet op datum van gichten de helft van de koopsom betalen en de andere helft op de dag van 'verjaeren', de kosten betreffende deze koop nochtans dient hij dadelijk bij gichten te vergoeden. Onkosten: gichtgeld, kaarsgeld, pontpenningen, lycoop naer landtcoop, godsgeld 2 schellingen en schrijfgeld van deze condities 4 gulden. De verkoper moet alle verlopen lasten schoon maken tot datum van gichten.
9 maart 1655 bood Willem Tonis 1250 gulden Brabants eens en 3 souverainen voor verkopers echtgenote voor de totaliteit van de goederen. Hierop gunde Christiaen Jans hem de palmslag. Opgemaakt in Meldert in het woonhuis van Oreaen Jans in aanwezigheid van Willem Ingenenhoff en Goossen Goossens als getuigen. Op dezelfde dag stelt Willem Tonis 25 hogen. Ondertekend: quod attestor Aerdt Vanden Berge.20 

Familie

Margaretha Thonis ° voor 1588, + voor 12 jun 1631
Kinderen

bronvermelding(en)

  1. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 552, 1609, huwelijken, p.6.
  2. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 57, p.143.
  3. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 57, p.172v.
  4. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 57, p.179v.
  5. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 57, p.186.
  6. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 57, p.189.
  7. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 57, p.202v.
  8. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 57, p.202.
  9. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 57, p.218v.
  10. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 57, p.220v.
  11. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 57, p.234v.
  12. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.5.
  13. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.23.
  14. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.85.
  15. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.90.
  16. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.98v.
  17. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 554, p.47 (p.26).
  18. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.113v.
  19. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.143.
  20. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 84, p.420.
  21. [S5] Parochieregisters Heusden, Rijksarchief Hasselt, boek 367, 1610, doopsels, p.119.

Jan Frericx

IDnr.2869, ° voor 1535, + na 21 maart 1574
DoopselJan Frericx werd gedoopt voor 1535 te Lummen? [België].1 
EigendomDaniel Lyffs verkocht een goed aan Jan Frericx volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 17 januari 1566. De akte luidt als volgt: 'Daniel Lyffs houdt het versterf op na dood zijner ouders. Tezelfdertijd verkoopt Daniel Lyffs, via de Brabantse meier, aan Jan Ffrericx, zijn kindsdeel van huis en hof, palende de straat, Huybrecht Van Scaffen en ter derder zijde Marie Van Hamel erfgenamen. Voor 65 Rinsgulden boven volgende lasten: aan O.L.Vrouwkerk te Diest, 4 Rinsgulden; aan Geerdt Scadts, 3 Rinsgulden; aan de heren van Rumunde (Roermond), 1 Rinsgulden 'sjaars; 'sheren grondcijns; aan de H. Geest te Lumpmen, 14 stuivers voor 16 gulden; nog 3 ganzen (?).
Jan Ffredericx moet hiervan maar de helft betalen, vermits hij maar de helft van huis en hof koopt. Van de koopsom van 65 gl. betaalt hij er 16. Voor de rest geeft de koper rente.1'
 
LeningJan Aelen en Marie Pas leenden aan Jan Frericx aan 3 Rinsgulden intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 26 juni 1567. Deze verwijst ook naar Jan Smeets en Geert Schats als betrokken partij. De akte luidt als volgt: 'Jan Smeets draagt via de Brabantse meier op aan Jan Aelen en zijn vrouw Marie Pass: een hypotheek van 3 Rinsgulden 's jaars op Lucas Cuijpers panden, nu toebehorend aan Jan Ffrerijx, luidens gicht van 28 februari 1566. Deze 3 Rinsgulden 'sjaars heeft Jan Smeets aan Jan Aelen toegezegd en beloofd in huwelijksvoorwaarden. Na opdragen en vertijen van Jan Smeets is Gheert Scats in naam van Jan Aelen, diens vrouw en nakomelingen, in deze 3 Rinsgulden gegicht.2' 
NaamvariatieHij werd ook Frederijcx genoemd.3 
EigendomJan Sceepers verkocht een goed aan Jan Frericx volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 20 januari 1569. De akte luidt als volgt: 'Jan Sceepers verkoopt via de Loonse meier aan Jan Frederijcx een bloeckxken bij de 'twee buecken' gelegen. Palende Mathijs Minbiers; N. Mathijs Vanden Bos; W. de erfgenamen Joris Gross; O. Thijs Van Baelen. Voor 30 Rinsgulden 15 stuivers. De verkoper stelt pand buiten de Vrijheid ter Brabantse eerde, voor het geval de koper enige molestatie zou ondervinden aangaande deze koop. Goidtspennink: ½ stuiver.3' 
EigendomMariken Peelers verkocht een goed aan Jan Frericx volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 29 april 1569. Ze vermeldt verder ook Elizabeth Peelers en Mathens Minbiers. De akte luidt als volgt: 'Elizabeth Peelers met haar momber Mathijs Minbiers draagt via de Loonse meier aan haar dochter Mariken Peelers de tocht op van een bloexken genoemd den Cleijnen Thiest. Palende Z. Gheerdt Scats; W. Mathijs Minbiers en O. Catharijn Stangen erfgenamen.
Tocht en erfdom vergaderd zijnde heeft Mariken Peelers met haar momber Mathijs Minbiers het voorschreven erf verkocht aan Jan Fredericx der jonge. Voor 30 stuivers jaarlijks staande op panden van Jan Cassmans tot Meldaert en af te leggen met 27 Rinsgulden. Plus nog 25 stuivers die jaarlijks op dat stuk uitgaan. Daarvoor verborgt Frederickx zijn binnen Vrijheidse goederen.4'
 
AflossingMargriet Van Coersworm ontving van Jan Frericx de terugbetaling van een lening aan 2 mud rogge en 3 Rinsgulden intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 29 april 1573. Deze verwijst ook naar Peeter Vanden Briele als betrokken partij. Ze vermeldt verder ook Willem Van Horion en Bartholomes Sleegers. De akte luidt als volgt: 'Joffrouwe Margriet van Coersworm, weduwe jonker Willem van Horion, met haar momber Peeter Vanden Briele, kwijt Jan Fredericx en zijn panden van: 1. 1 mud rogge en 1 Rinsgulden 'sjaars, waarvan gicht en goeding gepasseerd zijn tussen heer Bartholomeuwis Sleegers en wijlen jonker Aerdt van Horion, d.d. 10 september 1534; 2. nog van 1 mudde rogge en 1 Rinsgulden 'sjaars, door jonker Aerdt van Horion verkregen op 13 september 1537; 3. nog van 1 Rinsgulden 'sjaars door jonker Aerdt Van Horion verkregen op 26 juni 1539.5' 
LeningMargriet Van Coersworm leende aan Jan Frericx de som van 18 Rinsgulden aan 1 Rinsgulden intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 3 juni 1573. Deze verwijst ook naar Peeter Vanden Briele als betrokken partij. De akte luidt als volgt: 'Jan Fredericx leent van Joffrouwe Margriet van Coersworm 18 Rinsgulden Brabants à 1 Rinsgulden 'sjaars. Pand: huis en hof te Westerhoven. Palende Z. de straat; O. Henrick Kempeneers kinder; N. het Brueckelen; W. Steeven Boegaerts erfgenamen. Fredericx consenteert hiervan zegel en brief. Peeter Vanden Briele is namens de joffrouw ter gichte gekomen.6' 
LeningDe leningsovereenkomst van Daniel Stenaerts met Machiel Smeets, geacteerd te Lummen [België] op 16 juli 1573, verwijst naar Jan Frericx als betrokken partij; 50 Rinsgulden.7 
LeningJan Smeets leende aan Jan Frericx de som van 48 gulden aan 6,25% intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 21 maart 1574. Deze verwijst ook naar Jan Aelen als betrokken partij. De akte luidt als volgt: 'Jan Aelen verkoopt via de Brabantse heer aan Jan Smeets 3 Rinsgulden 's jaars op huis en hof van Jan Frericx te Westerhoven gelegen. De gicht daarvan dateert van 28 februari 1566. De akte verwijst ook naar een deelakte tusssen de broers Jan en Lucas Cuijpers d.d. 10 december 1562. De rente is verkocht voor 48 Rinsgulden.8' 
OverlijdenHij overleed na 21 maart 1574 te Lummen? [België].9 
LeningDe leningsovereenkomst van Jan Van Peer met Aert Ingelen, geacteerd te Lummen [België] op 14 maart 1584, vermeldt eveneens Jan Frericx.10 

bronvermelding(en)

  1. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 56, p.256v.
  2. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 56, 1546-1591, p.267.
  3. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 56, p.276.
  4. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 56, p.278v.
  5. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 56, 1546-1591, p.314.
  6. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 56, p.314.
  7. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 56, p.315.
  8. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 56, 1546-1591, p.321v.
  9. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 56, p.321v.
  10. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 56, p.374v.

Maria Frericx

IDnr.343, ° voor 1593, + na 15 juni 1614
DoopselMaria Frericx werd gedoopt voor 1593 te Lummen? [België].1 
HuwelijkZij huwde met Cornelius Heskens op 15 juni 1614 te Lummen [België]. De akte vermeldt: 'Het huwelijk wordt ingezegend in aanwezigheid van de getuigen en vrienden.1' 
OverlijdenZij overleed na 15 juni 1614 te Lummen? [België]. 

bronvermelding(en)

  1. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 552, 614, huwelijken, p.21.

Maria Frericx

IDnr.366, ° 22 november 1611, + voor 5 juni 1640
VaderPetrus Frericx1 ° circa 1583, + voor 5 juni 1640
MoederHelwidis Horiaens1 ° circa 1587, + na 17 januari 1647
Stamkaartenafstammelingen van Arnout Fredrix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van Arnout Fredrix [boxformaat]
DoopselMaria Frericx werd gedoopt op 22 november 1611 te Lummen [België] met als peter Vincentius Lijnen en als meter Sara Otten.1 
HuwelijkZij huwde met Lambertus Morren circa 1635 te Lummen? [België]. De akte vermeldt: '(delingsakte van 5 juni 1640 jaar) ...Lambrecht Morren, in naam van zijn zoon verwekt aan Maria Frerix...2' 
OverlijdenZij overleed voor 5 juni 1640 te Lummen? [België].2 
EigendomDe eigendomstransactie van Arnoldus Corthoudt en Elisabeth Frederix, samen met Lambertus Morren en Govardt Daems, met Huijbrecht Lenardts en Maria Aerdts, geacteerd te Lummen [België] op 16 maart 1662, vermeldt eveneens Maria Frericx; Aerdt Corthouts als man van Elisabeth Frerix, Lambrecht Morren in naam van zijn zoon Lambrecht verwekt bij Maria Fredrix, Jan Schijven als momber der kinderen Aerdt Schijven, verkopen aan Huijbrecht Lenardts, man van Maria Lijnen, ieder hun deel in een moeshof achter de kerk gelegen; palende met 3 zijden aan de straat en voornoemde Lenardts ter vierder zijde. Voor 56 gulden Brabants boven de gerechtskosten hierover gedaan. De comparanten beloven Govardt Daems als vader van zijn kinderen met Barbara Fredricx, medeeigenaars voor ¼ part, in te brengen om ook opdracht te doen. Als de koopsom niet voor pinksteren betaald is, gaat de koop teniet.3 

Familie

Lambertus Morren ° circa 1610, + na 20 apr 1664
Kind

bronvermelding(en)

  1. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 547, 1611, doopsels, p.82.
  2. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.113v.
  3. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 59, p.67v.

Maria Frericx

IDnr.1395, ° 12 december 1612, + tussen 18 februari 1644 en 28 april 1644
VaderGerardus Frericx ° circa 1584, + 21 november 1639
MoederMargaretha Thonis ° voor 1588, + voor 12 juni 1631
Stamkaartenafstammelingen van Arnout Fredrix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van Arnout Fredrix [boxformaat]
DoopselMaria Frericx werd gedoopt op 12 december 1612 te Lummen [België] met als peter Mathias Kempmaekers en als meter Adriana Celen
HuwelijkZij huwde met Matteeuwis Dries, zoon van Arnoldus Dries en Elisabetha Tielens, voor 18 februari 1644 te Lummen [België]. De akte vermeldt: '(testament van 18.02.1644) ...Matteuwis Dries legt ter goedkeuring voor het testament van zijn vrouw Maria Frerix die de dochter is van Geerdt Frerix...1' 
OverlijdenZij overleed tussen 18 februari 1644 en 28 april 1644 te Lummen? [België]. De tekst vermeldt: '(akte van 13.04.1646) ...Maria Frerix, gestorven zonder wettige geboorte na te laten...1,2' 
ErfenisMatteeuwis Dries was op 28 april 1644 te Lummen [België] erfgenamen van Maria Frericx; Matteeuwis Dries legt ter goedkeuring het testament voor van zijn vrouw Maria Frerix, die de dochter is van Geerdt Frerix. Het testament dateert van 18 februari 1644 en werd geschreven door pastoor Peeter Neven. Inhoud: 50 gulden aan het broederschap van het heilig sacrament. Aan haar man, 100 pattacons. Gedaan ten huize van de testatrice te Westerhoven gelegen. W.g. Maria Fredrix, Henrick Beertens, Aerdt Vanden Berghe. Op verzoek van Matteeuwis Dries komen de pastoor en getuigen Beerten en Vanden Berghe op 13 oktober 1644 de echtheid van het testament bevestigen. Testament wordt goedgekeurd. W.g. Peeter Aerts, secretaris.1 
ErfenisDe erfenis door Aerdt Frericx en Petrus Frederici, samen met Joannes Fredrix en Matteeuwis Dries, geacteerd te Lummen [België] op 13 april 1646, vermeldt eveneens Maria Frericx; Voor de schepenen Vanden Berghe en Mommen verschijnen Aerdt en mr. Peeter Frerix, mede voor hun absente broeder heer en mr. Jannen Fredrix, ter ener zijde en ter ander zijde Matteus Dries, hun zwager. Partijen sluiten een akkoord over de successie van de binnen Vrijheidse goederen, waarin Matteus Dries, na de dood van zijn vrouw Maria Fredrix, die de wettige zuster was van voornoemde Aerdt Fredrix cum suis, en gestorven zonder wettige geboorte na te laten, deel mocht hebben en ook pro quota voor de tocht in alle buitengoederen afgekomen zo van Matteeuwisens vrouws ouders, als grootvaders en grootmoeders.
De overeenkomst luidt als volgt. Matteus Dries doet afstand van al zijn recht van successie dat hem van de binnen Vrijheidse goederen toekomt. Mede van zijn recht van tocht dat hem in enige andere goederen, zo Loonse, Brabantse, ter wat plaatse, hetzij in Lummen of elders gelegen. Hij doet eveneens afstand van het legaat dat zijn vrouw Maria Fredrix hem gemaakt had. Alle afstand tot behoef van zijn drie zwagers. Die drie dragen aan Matteus Dries in ruil voor deze afstand een hofland op, de Parijshoff, op het Westereijnde gelegen, palende O. Jan Vaes, W. Jan Van Elsrack erfgenamen, Z. de beek, N. de straat. Belast met 2 vaten koren jaarlijks aan de Armen. Ze geven hem daarenboven 500 Rinsgulden. Nog zal Dries voor zich zelf, het huis op de schans te Schalbroeck mogen houden, met de plaats waar het op staat en de plaats voor dat huis gelegen. Dat is een huis en plaats die met Lambrecht en Aerdt Morren gedeeld zijn. Dries zal nog, alleen voor dit, het verloop van een rente trekken van 15 gulden jaarlijks, hem bekend. Twintig gulden à 5% door Geerd Schats aan Dries afgelegd zal 'dood' zijn. Dries mag tenslotte nog dit jaar het hout in een bosken aan de Grauwen Rock te Schalbroeck kappen. W.g. Peter Aerts, secretaris.2 

bronvermelding(en)

  1. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.143.
  2. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.162.

Petrus Frericx

IDnr.363, ° circa 1583, + voor 5 juni 1640
VaderAerdt Fredrix ° circa 1555, + tussen 2 maart 1623 en 9 mei 1624
MoederMaria Van Hese ° circa 1560, + 8 november 1639
Stamkaartenafstammelingen van Arnout Fredrix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van Arnout Fredrix [boxformaat]
kwartierstaat samensteller
DoopselPetrus Frericx werd gedoopt circa 1583 te Lummen? [België]. 
ReliefNa het overlijden van Peeter Fredrix releveert op 5 juli 1607 te Lummen, [België] Petrus Frericx. De akte luidt als volgt: 'Peeter Frerix releveert huis en moeshof in het Dorp gelegen, hem vermaakt door zijn heercken grootvader) Peeter Frerix. Palende mr. Jan Neven erfgenamen en met de andere zijden de straat.1' 
HuwelijkHij huwde met Helwidis Horiaens, dochter van Arnoldus de Horion en Maria Van Weddingen, voor 24 juni 1609 te Hasselt? [België].2 
LeningPeeter Timmermans leende aan Petrus Frericx de som van 20 gulden aan 20 stuivers intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 21 mei 1620. De akte luidt als volgt: 'Peeter Tummermans als rentmeester van het begijnhof van Diest, volgens de ons getoonde procuratie van 3 november 1619 en bevestigd met begijnhofszegel in groene was, draagt op aan Peeter Frerix, hun gerechtigheid van 2 gulden jaarlijks op een hoffstadt, alwaer eertijts heeft gestaen der heeren huijs. Verkocht voor 20 gulden. Daarvoor zal Frerix 20 stuivers jaarlijks geven met als onderpand de hofstadt en zijn andere erve, t.t.z. huis en hof daar vast aan gelegen; palende mr. Jan Neven, met 2 zijden de straat en Simon Beervoet. Af te leggen met 20 gulden.3' 
OverlijdenHij overleed voor 5 juni 1640 te Lummen? [België].4 
ErfenisDe erfenis door Georgius Fredrix en Joannes Fredrix, samen met Lambertus Morren en Arnoldus Frericx, geacteerd te Lummen [België] op 5 juni 1640, vermeldt eveneens Petrus Frericx; Deling tussen de kinderen van wijlen Aerdt Frerix, alias Bosmans, waarvan Maria Van Hese de moeder was. De minuut is beschreven door Georgius Frerix, één der condividenten. De deling is gedaan in tegenwoordigheid en ten overstaan van 1) mr. Willem Neven, meier van het land van Lummen als toeziener en gebeden momber der achtergelatenen van wijlen Vincent Leijnen; 2) Jan Tonis als grootvader en momber der achtergelaten Geert Frerix; 3) Lambrecht Morren als toeziener en gebeden momber der achtergelaten Peeter Frerix; 4) heer Jan Frerix; 5) Joris Frerix en 6) Aerdt Frerix. Uit de algemene voorwaarden: de gewone last blijft op elk deel; wordt één of ander goed gemolesteerd, dan zal men de last samen dragen. De opgaande eikenbomen in de bos te Meldelaer, alsook in de Ceijl en het bosken te Gestel, die kapbaar zijn, zullen gedeeld worden. De eiken op de Dries en Lazareije beempt blijven staan tot reparatie en onderhoud van de bruggen. Het nagenoemde schaarhout zal men kappen en delen of verkopen: de Tielemanshoff; de Holeijcke tot Geneijcken; het Nief block te Laren; het Liemelaer; de Groote Scheijthaghe; het Heuffken; het Limelaer; den Langhen Wech; den Eijckenstock.
Kavel 1 is gevallen aan de kinderen van Vincent Leijnen verwekt aan wijlen Margriet Frerix: Den Cnoopshoff belast met ½ vat koren aan de Armen van Lummen. De Groote Scheijthage belast met 3 gulden jaarlijks aan Jan Wauters te Meldelaer. Die Tien amen. Die twee bleuxkens te Molem. Het beempdeken op de Molenwech met zijn lasten. Die Orseten op het gemeijn. Den bos aan de Vrebosch. Het bosken te Gheneijcken. Het bosken aan de Leerse heijde.
Renten: Aan panden: van Dioneijs Slegers te Meldelaer: -16-0 jaarlijks. Van Henrick Bervoets te Linckhaut: -6-0 jaarlijks. Van Aerdt Van Sonhoven te Linckhaut: 6 gulden. Van Cornelis Baerts te R(e)ckhoven: 6 gulden. Van Aerdt Reijnders te Molem: ½ mudde koren jaarlijks te kwijten met 20 stuivers en aan dezelfde nog 1 gulden; maakt -2-0. Van Jan Antoni onder Lummen: -6-0. Van Willem Vande Locht: -5-0. Van Matteeuwis Queijnen onder Linckhaut: 6 gulden. Van Teijs van Mierdt te Linckhaut: -6 gulden. Van Reijner Hemelers onder Ce(r)mpt: -2-0.
Kavel 2 is gevallen aan Joris Fredrix. De halven Tielemanshoff. Den Krieckel belast met ½ mudde koren aan St. Barbelen altaer en met 1 vat 1 vierdelinck evenen. Het Lindekensvelt. De Hoff te Gheneijcken, palende Aerdt Fredrix en de straat. Den Langhen beempt. Den Eijckbos te Meldelaer, de rijpe eiken uitgezonderd. De bos aan de Willekensberch.
Renten: Aan panden: van Willem Droochmans erfgenamen te Kermpt: -27-0. Van Servaes Moons te Molem: -3-0. Van Lambrecht Bervoets te Linckhaut: -3-0. Van Jan Hooghen te Spalbeeck: -16-0. Van Jan Rutten te Lummen: -6-0. Van mr. Henrick Swijsen te Lummen: -6-0. Van Henrick Slegers te Kermpt: -2-0. Deze deling moet dienen 10 gulden eens of 10 stuivers 's jaars, die de kinderen van Geerdt Frerix moeten geven.
Kavel 3 is gevallen aan de kinderen Peeter Frerix verwekt bij Hilleken Horions. De andere helft van den Tieleman. Beijde die Langewegh. Het Beldeken. Het Heuffken, palende Henrick Dries. De Cleijne Scheijthage. Het Tiewinckelsbrouck. Den Lazerije beempt. De helft van de bos verkregen tegen Jan Henijghen (?) met de helft van de eiken daarop staande; palende de erfgenamen Aerdt Puttmans. Die Hoeff op het Oostereijnde.
Renten: Aan panden: van Jan Betten erfgenamen te Kermpt: -21-0. Van Henrick Robijns nu Joris Fredrix: -15-0. Van Henrick vander Heijden alias Honinx: -16-15-0. Van Machiel Ludts te Meldert: -5-5-. Van de erfgenamen Anna Geerts te Meldelaer: -3-0. Van dezelfde: -1-10-. Van Aerdt Frerix ½ halster koren en aan de panden der erfgenamen Herman Holsteens: ½ halster; samen 1 halster koren.
Kavel 4 is gevallen aan Aerdt Frerix. Die Baltishoven te Teuijlt. Het Bevijsen hoeffken aldaar. Den Eecker. Die halve Hol eijcke te Geneijcken. Die Schommen te Linckhaut. Den beempt tot Buestelken belast met 15 stuivers. Die Seijl te Gestel. Die Boersheijde met de bos, belast met 3 ½ vat koren. De hofstede waarin zijn vader heeft gewoond. Het geheel gemeijn Middelste broeck.
Renten: Aan panden: van Nicolaes Schepers te Sonhoven: -25-5 st. Van Mertten Moris nu Vincent Leijnen kinderen: -12-0. Van Aerdt Druechmans te Buesteken: -4-0. Van Bertolomees Schepers te Laren: -3-0. Van Aerdt Jans te Linckhaut: -12 gulden. Van Peeter Vanden Deijck eertijds Soeij Gaethoffs: 2 gulden 10 stuivers.
Kavel 5 is gevallen aan heer Jan Frerix, pastoor-deken te Hasselt. Den Sneppershoff te Teuijlt. Die Schomme aan de Willekensberch. Het Mishoeffken te Teuijlt tegenover het eerste perceel van deze kavel. Het Nieuw block te Laren. De Dries op de beek te Lummen. Het Beempdeken en de Cleijnen helder, naast elkaar gelegen. De halven bos verkregen van Jan Henijgh met de helft van de opstaande eiken.
Renten: Aan panden: van de erfgenamen Jan Teulleners te Kermpt: -26-0. Van Jan Scheers erfgenamen te Kermpt: -1-0. Van Henrick Peeters te Gestel: -1-0. Van Tomas Timmermans: -18-0. Van Jan Moons: -3-0. Van Heuijbrecht van Peer: -6-0. Van Aerdt Frerix onze broeder: -6 gulden. Van Antoon Melco: 1-10-0. Van de erfgenamen Jan Vander Linden: -1-0.
Kavel 6 is gevallen aan de kinderen van Geert Frerix verwekt bij Margriet Antoni. Heijligeesthoffken opt Westereijnde. Het Driesken met de hof daar achter aan elkaar gelegen. De Pareijshof tegenover de huizinge en de straat gelegen, met de opstaande lasten. Het Cleuijs beempdeken te Ghestel. De bos verkregen van Peeter Putmans.
Renten. Aan panden: van de erfgenamen Tielen Van Herle: -10-0. Van Henrick Leijsen te Meldelaer: -7-10-0. Van Matteijs Peeters te Schuelen: -6-0. De hoffstadt in de plaetse te Lummen, waar ons grootvader Peeter Frerix heeft gewoond, met de lasten; boven die lasten gewaardeerd op 3 gulden jaarlijks. Van Aerdt Frerix onze broeder, 15 gulden te kwijten met 300 gulden. Het derde part van het goed te Burselken, gewaardeerd op 23 gulden 's jaars. Kavel 6 moet jaarlijks aan kavel 2 , 10 stuivers geven en nog 10 stuivers aan kavel 2 en 4.
Onverdeeld gebleven zijn: de We…lhoff achter Peeter Aerts. Nog ¼ van de bos waarvan de erfgenamen Jan Baerdemaeckers de andere delen hebben. Die Goorveuijlen.
Op 11 oktober 1640 verschenen voor de schepenen: heer en mr. Jan Frerix, pastoor-deken te Hasselt, Joris Frerix, Aerdt Frerix voor zich zelf, Jan Leijnen met zijn momber Oriaen Leijnen, zijn andere zusters en broers vervangende, Lambrecht Morren, in naam van zijn zoon verwekt aan Maria Frerix dochter van Peeter Frerix evenals voor de andere kinderen van Peeter voorschreven, Aerdt Frerix zoon van Geerd, zo voor hem zelf als voor zijn andere broers en zuster. Ze keuren de deling goed. De bruggen op de Molenwech en te Molem staan tot last van de gemeenschap; ze zullen de reparatiekosten gelijk delen.4 

Familie

Helwidis Horiaens ° circa 1587, + na 17 jan 1647
Kinderen

bronvermelding(en)

  1. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 57, p.89.
  2. [S293] Willy Ceyssens, Bart De Keyser, Jos Jans, Myriam Lipkens, Tine Rock, Adriën Swartenbroekx (+), Jean-Jacques van Ormelingen, Jef Arras, Boek 'Oog in Oog' (Stedelijk Museum Stellingwerff-Waerdenhof, 2003).
  3. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 57, p.220v.
  4. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.113v.
  5. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 547, 1609, doopsels, p.54.
  6. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 547, 1611, doopsels, p.82.
  7. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 547, 1615, doopsels, p.129.

Petrus Frericx

IDnr.365, ° 24 juni 1609, + 27 december 1614
VaderPetrus Frericx1 ° circa 1583, + voor 5 juni 1640
MoederHelwidis Horiaens1 ° circa 1587, + na 17 januari 1647
Stamkaartenafstammelingen van Arnout Fredrix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van Arnout Fredrix [boxformaat]
DoopselPetrus Frericx werd gedoopt op 24 juni 1609 te Lummen [België] met als peter Georgius Fredrix en als meter Catharina Weddinghen.1 
OverlijdenHij overleed op 27 december 1614 te Lummen [België] in de ouderdom van 5 jaar.2 

bronvermelding(en)

  1. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 547, 1609, doopsels, p.54.
  2. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 548, 1614, overlijdens, p.87.