Joannes Fredrix

IDnr.481, ° 20 juni 1698
VaderChristianus Fredrix ° 20 september 1664, + 25 april 1722
MoederElisabetha Bosmans ° 17 september 1667, + 9 mei 1732
Stamkaartenafstammelingen van Christiaen Fredrix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van Christiaen Fredrix [boxformaat]
DoopselJoannes Fredrix werd gedoopt op 20 juni 1698 te Lummen [België] met als peter Antonius Bosmans en als meter Ida Hornix. De akte vermeldt: 'Zijn moeder komt uit Zelem. [nvdr. De exacte dag van zijn doopsel is niet meer te zien op de akte. Het moet tussen 14 en 27 juni zijn geweest. Dat is op te maken uit datumnotities van het vorige en het volgende doopsel.]1'
HuwelijkHij huwde met Anna Catharina Opheij, dochter van Jan Opheij en Helena Vervoort, circa 1725 te Beringen [België].2 
ReliefNa het overlijden van Christianus Fredrix en Elisabetha Bosmans releveren Michael Fredrix en Joannes Fredrix op 23 mei 1732 te Lummen [België] . De akte luidt als volgt: 'Michiel en Jan Fredricx releveren de goederen die op hen verstorven zijn na de dood van Christiaen Fredricx en Elisabeth Bosmans, hun ouders zaliger, en waar hun moeder Elisabeth als tochtster uitgestorven is: huis en hof in Genebosch gelegen, palend de straat N., Barthel Smeets O., Jacobus Reijnders weduwe W. en Z; een perceel bempts genaamd 'den Hooghen Bempt' in Genebosch gelegen, palend Anna Fredricx O., de beek Z., Renier Daniels W.3' 
EigendomPeeter Baeten en Joannes Baeten verkopen, samen met Anna Maria Baeten, Elisabeth Baeten en Georgius Goossens, een goed aan Joannes Fredrix volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 20 juni 1732. De akte luidt als volgt: 'Peeter Baeten, Joannes Baeten, Anna Marie Baeten, Georgius Goossens man en momber van Elisabeth Baeten, zijn allen kinderen van Peeter [Jan is doorstreept] Baeten en van Anna Van Haeckendover. Ze dragen de goederen op die in het hierna volgende relief zijn gespecifieerd [zie onderaan] tot behoef van Jan en Machiel Fredrix, die deze goederen kopen voor de som van 185 pattacons en 25 stuivers (741 gulden - 5 Brabants Luijcx). Er werd een bepaalde som betaald, maar wegens doorstrepen en invoegen is niet duidelijk om welke bedragen het hier juist gaat, in vermindering van de som van 400 gulden. De resterende som moet betaald worden op de eerste zondag van september. Deze goederen zijn enkel belast met cijns en dorpsschattingen. Godtspenninck 5 stuivers, lijcoop een ton bier. Gicht 4 - 7 - 10; opcom. - 2 - 3; pontpenningen 15 - 0; samen 24 gulden 13 stuivers.
[een perceel broek in Geneijcken gelegen genaamd 'die Drij Vonderen', palend Mattijs Wauters O., de beek N. en W., Val. Wauters Z; een perceel land genaamd 'het Lodderken', grenzend Peeter Van Hamel O., de Veltstraet N., hun eigen erf 'den Doijen Man' Z; een perceel edtbroeck genaamd 'den Leeckbempt', palend Peeter Aerts en de gemeijn heije Z., P. Van Goedenhuijsen O; een perceel genaamd 'het Vinneken', grenzend Jan Remen W., Jan Bervoets O., de straat Z; een perceel hofflandt genaamd 'den Hoogen Hoff', grenzend de straat O. en N., Val. Wauters W., Peeter Van Hamel Z; een perceel bos. Al deze goederen zijn in Geneijcken gelegen]4'
 
EigendomJoannes Fredrix en Michael Fredrix verkopen, samen met Anna Fredrix, een goed aan Joannes Fredrickx volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 17 juli 1732. De akte luidt als volgt: 'De broers Jan en Michiel Fredrix van Genebosch en Anna Fredrix, voor de helft, hebben opgedragen tot behoef van Jan Fredrix van Ghestel een deel in een perceel land in Gestel gelegen, waarvan de koper het derde deel heeft, genaamd 'het Kercken Bloeck'. De erfgenamen van Mattheijs Knapen hebben er een vierde deel in. Het grenst Andries Bervoets O. en W., de erfgenamen van Henric Vandeneerdenwegh N., koper Jan Fredrix Z. Verkocht voor 100 gulden Brabants Luijcx eens, goidtspenninck 1 stuiver, lijcoop naer believen van de kopers. Het is los en vrij goed, zonder cijns of andere commer, met uitzondering van gemene dorpslasten.4' 
EigendomMichael Fredrix en Joannes Fredrix verkopen, samen met Anna Fredrix, een goed aan Joannes Fredrickx volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 29 juli 1732. De akte luidt als volgt: 'Op 29 juli 1732 verkopen de broers Jan en Michiel Fredrix uit Genebos en Anna Fredrix aan Jan Fredrix uit Gestel een derde deel in een perceel in Gestel gelegen, genaamd de 'kercken bloeck'. Het stuk grenst aan Andries Vervoort O. en W., de erfgenamen van Henric Vandeneerdenwegh N., en de koper Jan Fredrix Z. Hiervoor wordt de som van 100 gulden betaald.5' 
BetalingJosephus Blockmans deed op 3 januari 1751 in Genenbos te Lummen [België] de volgende betaling aan Joannes Fredrix: 'Betaelt aen Joannes Fredrickx voor dese schattinghe van den boschvijver pro 1750: 1-4-2.'.6 
BetalingJosephus Blockmans deed op 7 maart 1751 in Genenbos te Lummen [België] de volgende betaling aan Joannes Fredrix: 'Betaelt aen Jan Fredrickx het verteir van kost ende dranck van de wercklieden in het jaer 1747 de graef tot Genebosch uijtschietende: 4-4-0.'.7 
BetalingJacobus Pierssens deed op 10 juni 1755 in Genenbos te Lummen [België] de volgende betaling aan Joannes Fredrix: 'Aen Jan Frederijcx voor taire in diversche reijsen van broeder Cornelis [Coseyns] ende cnechten tot Genebosch: 5-12-0.'.8 
EigendomAnna Maria Iven verkocht een goed aan Joannes Fredrix volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 6 mei 1756. Deze verwijst ook naar Jan Meuris als betrokken partij. De akte luidt als volgt: 'Anna Marie Iven, novice in het klooster van het Heilig Graf, 'genaempt Bonefanten' binnen de stad Hasselt, die 'haest als suster aldaer staet te professen', geassisteerd door haar momber Jan Meuris (?), verkoopt aan de broers Michiel en Jan Fredrix een perceel broek gelegen in Genebosch. Het grenst Jan Fredricx W., Christiaen Smedts en Peeter Daems O., de beek Z., Jan Van Herle erfgenamen N. Verkocht voor 758 gulden 10 stuivers. Deze som wordt gebruikt om de dote "oft aelmoese" te voldoen die de novice aan het klooster moet geven. Het verkochte goed is belast met 100 gulden kapitaal aan Renier Daniels, niet kortend aan de koopsom. Cijns en dorpslasten vallen tot last van de kopers. Lijcoop naer landtcoop, goidtspenninck 5 stuivers. Jan en Michiel kwamen ter gichte. Pontpenningen 37 - 8 ½; 2 - 2; 1 - 17 ½; loss. 0 - 14 -; samen 42 - 2 -.9' 
AflossingDaniel Daniels ontving van Joannes Fredrix de terugbetaling van een lening van 100 gulden volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 13 mei 1756. De akte luidt als volgt: 'Daniel Daniels bekent dat hij uit handen van Jan Fredrix van Genebosch de som van 100 guldens Brabants Luijcx eens ontvangen heeft als afbetaling van een gelijk kapitaal dat Daniels op de panden van Fredrix trok. Kapitaal en alle verlopen werden betaald. Fredrix kwam bij manier van kwijting ter gichte. 1 - 17 ½; - 7 -; samen 2 - 4 ½.9' 
BetalingJosephus van Cauwenberghe deed op 11 februari 1760 in Genenbos te Lummen [België] de volgende betaling aan Joannes Fredrix: 'Voor een paer visschers leirsen aen Jan Fredrickx betaelt.'.10 
BetalingJosephus van Cauwenberghe deed op 8 mei 1762 in Genenbos te Lummen [België] de volgende betaling aan Joannes Fredrix: 'Aen Jan Fredrickx over teire van de visschers tot Genebosch gedaen: 1-17-0. Item gegeven aen Br[oeder] Cornelis [Coseyns] tot Brandewijn &c voor de visschers voor heel het seijpen: 5-5-0.'.11 
OverlijdenHij overleed op 5 januari 1766 in Genenbos te Lummen [België] in de ouderdom van 67 jaar.12 

bronvermelding(en)

  1. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, 1698, doopsels, p.137.
  2. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 91, p.44v.
  3. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 90, 1732, p.659.
  4. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 90bis, 1732.
  5. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, Bundel 90bis (losse stukken).
  6. [S89] Cijnsregister van de Kartuizers van Zelem (transcriptie door Frans Timmermans), folio 37 - pro actibus juris, taxa capituli, viatico ejusdem et honorarijs.
  7. [S89] Cijnsregister van de Kartuizers van Zelem (transcriptie door Frans Timmermans), folio 31v - pro diversis extraordinariis.
  8. [S89] Cijnsregister van de Kartuizers van Zelem (transcriptie door Frans Timmermans), folio 65v - pro fabrica et operarijs.
  9. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 90bis, 1756.
  10. [S89] Cijnsregister van de Kartuizers van Zelem (transcriptie door Frans Timmermans), folio 90v - pro diversis et extraordinariis.
  11. [S89] Cijnsregister van de Kartuizers van Zelem (transcriptie door Frans Timmermans), folio 98 - pro diversis et extraordinariis.
  12. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 558, p.130.

Joannes Fredrix

IDnr.679, ° circa 1595, + 31 januari 1654
VaderAerdt Fredrix ° circa 1555, + tussen 2 maart 1623 en 9 mei 1624
MoederMaria Van Hese ° circa 1560, + 8 november 1639
Stamkaartenafstammelingen van Arnout Fredrix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van Arnout Fredrix [boxformaat]
NaamvariatieJoannes Fredrix werd ook Joannes Frederici genoemd. 
DoopselHij werd gedoopt circa 1595 te Lummen [België].1 
BeroepHij was pastoor te Kuringen, [België] tussen 1622 en 1625. Hij werd hij door Margareta de Berghes, abdis van Herkenrode van 1620 tot 1637, aangesteld.1 
BeroepHij was pastoor op het begijnhof te Hasselt, [België] tussen 1625 en 1631. Zijn aanstelling gebeurt door Margareta de Berghes, abdis van Herkenrode van 1620 tot 1637.1 
AflossingMaria Van Hese en Joannes Fredrix ontvingen van Stessen Loemans de terugbetaling van een lening aan 12 gulden intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 16 maart 1628. De akte luidt als volgt: 'Op 16 maart 1628 heeft heer en mr. Jan Frerix in naam zijner moeder Maria Van Hese, Stessen Loomans en zijn panden, deze 12 gulden jaarlijks gekweten [zie lening op 25.06.1619 van Aerdt Fredrix, IDnr_677].2' 
BeroepHij was pastoor van Hasselt en landdeken van het Haspengouwse concilie te Hasselt, [België] tussen 1631 en 1654. Het is opnieuw Margareta de Berghes, abdis van Herkenrode van 1620 tot 1637, die hem aanstelt. Zijn colega's verliezen hem tot landsdeken.1,3,4 
BeroepHij was pastoor te Hasselt [België] op 25 september 1631.5 
LeningJoannes Fredrix leende aan Thomas Willems de som van 150 gulden aan 5,33% intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Heusden [België] op 8 augustus 1634. Deze verwijst ook naar Petrus Willems als betrokken partij. De akte luidt als volgt: 'Anno 1634 op 8 augustus heeft Peter Willems alias Laermans voor ons schepenen van Houeijcken zijn 'tochte' 'opgedraeghen tot behoeff' van zijn zoon Thomas Willems. Aan het kindsdeel van Thomas zal 8 gulden jaarlijks gehecht worden volgens conditie dat hij van deze jaarlijkse intrest gedurende zijn leven niet zal worden 'gestelt offt gemaent' [nvdr. hij zal deze intrest nooit aan zijn vader moeten betalen]. En zo is Thomas van de tocht van zijn kindsdeel ter gichte gekomen. Tocht en erfdom vergaderd heeft Thomas Willems alias Laermans 'opgedraegen tot behoeff' van de eerwaarde heer Jan Frerix, deken en pastoor te Hasselt [een rente van] 8 gulden brabants jaarlijks vallende op deze vervaldag in augustus en voor de eerste maal anno 1635, en dit tot de 'affquijtinge' van uiterlijk 150 gulden in gangbaar geld gelijk hij nu ook verklaart ontvangen te hebben en waarvoor geen uitzonderingen worden toegestaan. Op [basis van] de voorwaarden voorschreven heeft Jan Thonis, schepen van Houeijcken, in naam van de eerwaarde heer Jan voorschreven ter gichte gekomen. Thomas heeft de hofrechten betaald.6'
SchenkingJoannes Fredrix schenkt volgens een akte gemaakt circa 1637 Hasselt, [België], een preekstoel aan de hoofdkerk van Hasselt (nu de St. Quintinus kathedraal van het bisdom Hasselt, waar deze preekstoel nog steeds te zien is).5
Gebeurtenis Op 22 augustus 1639 wordt Joannes Fredrix te Hasselt [België] lid van de Broederschap van Onze-Lieve-Vrouw Virga Jesse. Hij wordt geacteerd als 'Reverendus Admodum Dominus Joannes Frederici, decanus christianitatis et pastor Hasselensis; fundavit anniversarium'. [nvdr. Zeereerwaarde Heer Joannes Frederici, deken en pastoor van Hasselt; hij stichtte een jaargetijde].7,8 
LeningJoannes Fredrix leende aan Thomas Willems de som van 150 gulden aan 8 gulden intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Heusden [België] op 23 november 1639. De akte luidt als volgt: 'Op 23 september heeft Thonis Willems opgedragen tot behoef van heer Joannes Frederici, deken en pastoor van Hasselt, 8 gulden jaerlijks, vallende op Sint-Andries [30 november], te kwijten met 150 guldens, die Thomas Willems bekent ontvangen te hebben. Als pand geeft hij een stuk land, genaamd de Mertenshof, groot zeven ’vaten saijens’ land, gelegen te Ubbersel, regenoten Aerten de Bielmans oosten, de Peetershoff aan de straat. Hij doet warantschap voor een goede gicht en zo is Joannes Frederici na de opdracht van Thonis Willems ter gichte gekomen.9'
EigendomJacop Coppens verkocht een goed aan Joannes Fredrix volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 4 mei 1640. Deze verwijst ook naar Henrick Swijsen, Adrianus Huveneers en Willem Lambrechts als betrokken partij. Ze vermeldt verder ook Margaretha Fredrix. De akte luidt als volgt: 'Jacop Coppens heeft publiek verkocht een hof met de hoffstede zoals hij die onlangs met risch ende reijs in teecken van possessie verkregen heeft van Henrick Stessens zaliger. Palende O. de erfgenamen Wauter Jans, W. de erfgenamen Lenaert Jans, N. de straat. Wie de palmslag krijgt, ontvangt ook een dobbele ducaat voor zijn kloek gebod. De hof is enkel belast met 25 stuivers jaarlijkse grondcijns en voor iedere stuiver meerlast zal de verkoper 20 stuivers ontlasten. Godsgeld: 1 pattacon, waarvan de helft voor de Minnebroeders, de andere helft voor de Cappucinen, beiden binnen Hasselt. Voor verkopers vrouw Cattelijn Gielis, 1 dobbele ducaat tot een kermisse. Schrijfgeld en het maken van de billetten: 1 pattacon.
Eerste zitdag op 13 maart 1640. Voor notaris Hendrik Swijsen, Lummen, geeft Jacob Coppens de palmslag aan heer en mr. Jan Fredricx, priester en pastoor te Hasselt en landdeken in het district Hasselt. Voor 325 gulden Brabants en 2 hogen. Margariet Fredricx stelt nog 1 hoge. De pastoor-deken nog 1 hoge. Gedaan te Hasselt in het pastoreel huis. Getuigen: Jan Sleenaerts, oud-burgemeester der stad en Adriaen Huveners van Lummen, dienstbode van de notaris.
Op 4 mei 1640 verklaarde gerechtsdienaar Jan Puts voor de binnen Vrijheidse schepenen, de continuele kerkgeboden gedaan te hebben, zo door hem als door Willem Lambrechts zijn mede-broeder en dienaar, van 14 dagen tot 14 dagen binnen de kerk van Lummen, 'met affixie van billet deser coops opt kerckhelleken aldaer'. Na uitgang der kaars verbleven aan mr. Jan Fredricx.3'
 
ErfenisGeorgius Fredrix en Joannes Fredrix waren, samen met Lambertus Morren en Arnoldus Frericx, op 5 juni 1640 te Lummen [België] erfgenamen van Aerdt Fredrix en Maria Van Hese. De akte verwijst ook naar Willem Neven en Jan Tonis als betrokken partij. Ze vermeldt verder ook Vincentius Lijnen, Gerardus Frericx, Petrus Frericx en Peeter Fredrix. De akte luidt als volgt: 'Deling tussen de kinderen van wijlen Aerdt Frerix, alias Bosmans, waarvan Maria Van Hese de moeder was. De minuut is beschreven door Georgius Frerix, één der condividenten. De deling is gedaan in tegenwoordigheid en ten overstaan van 1) mr. Willem Neven, meier van het land van Lummen als toeziener en gebeden momber der achtergelatenen van wijlen Vincent Leijnen; 2) Jan Tonis als grootvader en momber der achtergelaten Geert Frerix; 3) Lambrecht Morren als toeziener en gebeden momber der achtergelaten Peeter Frerix; 4) heer Jan Frerix; 5) Joris Frerix en 6) Aerdt Frerix. Uit de algemene voorwaarden: de gewone last blijft op elk deel; wordt één of ander goed gemolesteerd, dan zal men de last samen dragen. De opgaande eikenbomen in de bos te Meldelaer, alsook in de Ceijl en het bosken te Gestel, die kapbaar zijn, zullen gedeeld worden. De eiken op de Dries en Lazareije beempt blijven staan tot reparatie en onderhoud van de bruggen. Het nagenoemde schaarhout zal men kappen en delen of verkopen: de Tielemanshoff; de Holeijcke tot Geneijcken; het Nief block te Laren; het Liemelaer; de Groote Scheijthaghe; het Heuffken; het Limelaer; den Langhen Wech; den Eijckenstock.
Kavel 1 is gevallen aan de kinderen van Vincent Leijnen verwekt aan wijlen Margriet Frerix: Den Cnoopshoff belast met ½ vat koren aan de Armen van Lummen. De Groote Scheijthage belast met 3 gulden jaarlijks aan Jan Wauters te Meldelaer. Die Tien amen. Die twee bleuxkens te Molem. Het beempdeken op de Molenwech met zijn lasten. Die Orseten op het gemeijn. Den bos aan de Vrebosch. Het bosken te Gheneijcken. Het bosken aan de Leerse heijde.
Renten: Aan panden: van Dioneijs Slegers te Meldelaer: -16-0 jaarlijks. Van Henrick Bervoets te Linckhaut: -6-0 jaarlijks. Van Aerdt Van Sonhoven te Linckhaut: 6 gulden. Van Cornelis Baerts te R(e)ckhoven: 6 gulden. Van Aerdt Reijnders te Molem: ½ mudde koren jaarlijks te kwijten met 20 stuivers en aan dezelfde nog 1 gulden; maakt -2-0. Van Jan Antoni onder Lummen: -6-0. Van Willem Vande Locht: -5-0. Van Matteeuwis Queijnen onder Linckhaut: 6 gulden. Van Teijs van Mierdt te Linckhaut: -6 gulden. Van Reijner Hemelers onder Ce(r)mpt: -2-0.
Kavel 2 is gevallen aan Joris Fredrix. De halven Tielemanshoff. Den Krieckel belast met ½ mudde koren aan St. Barbelen altaer en met 1 vat 1 vierdelinck evenen. Het Lindekensvelt. De Hoff te Gheneijcken, palende Aerdt Fredrix en de straat. Den Langhen beempt. Den Eijckbos te Meldelaer, de rijpe eiken uitgezonderd. De bos aan de Willekensberch.
Renten: Aan panden: van Willem Droochmans erfgenamen te Kermpt: -27-0. Van Servaes Moons te Molem: -3-0. Van Lambrecht Bervoets te Linckhaut: -3-0. Van Jan Hooghen te Spalbeeck: -16-0. Van Jan Rutten te Lummen: -6-0. Van mr. Henrick Swijsen te Lummen: -6-0. Van Henrick Slegers te Kermpt: -2-0. Deze deling moet dienen 10 gulden eens of 10 stuivers 's jaars, die de kinderen van Geerdt Frerix moeten geven.
Kavel 3 is gevallen aan de kinderen Peeter Frerix verwekt bij Hilleken Horions. De andere helft van den Tieleman. Beijde die Langewegh. Het Beldeken. Het Heuffken, palende Henrick Dries. De Cleijne Scheijthage. Het Tiewinckelsbrouck. Den Lazerije beempt. De helft van de bos verkregen tegen Jan Henijghen (?) met de helft van de eiken daarop staande; palende de erfgenamen Aerdt Puttmans. Die Hoeff op het Oostereijnde.
Renten: Aan panden: van Jan Betten erfgenamen te Kermpt: -21-0. Van Henrick Robijns nu Joris Fredrix: -15-0. Van Henrick vander Heijden alias Honinx: -16-15-0. Van Machiel Ludts te Meldert: -5-5-. Van de erfgenamen Anna Geerts te Meldelaer: -3-0. Van dezelfde: -1-10-. Van Aerdt Frerix ½ halster koren en aan de panden der erfgenamen Herman Holsteens: ½ halster; samen 1 halster koren.
Kavel 4 is gevallen aan Aerdt Frerix. Die Baltishoven te Teuijlt. Het Bevijsen hoeffken aldaar. Den Eecker. Die halve Hol eijcke te Geneijcken. Die Schommen te Linckhaut. Den beempt tot Buestelken belast met 15 stuivers. Die Seijl te Gestel. Die Boersheijde met de bos, belast met 3 ½ vat koren. De hofstede waarin zijn vader heeft gewoond. Het geheel gemeijn Middelste broeck.
Renten: Aan panden: van Nicolaes Schepers te Sonhoven: -25-5 st. Van Mertten Moris nu Vincent Leijnen kinderen: -12-0. Van Aerdt Druechmans te Buesteken: -4-0. Van Bertolomees Schepers te Laren: -3-0. Van Aerdt Jans te Linckhaut: -12 gulden. Van Peeter Vanden Deijck eertijds Soeij Gaethoffs: 2 gulden 10 stuivers.
Kavel 5 is gevallen aan heer Jan Frerix, pastoor-deken te Hasselt. Den Sneppershoff te Teuijlt. Die Schomme aan de Willekensberch. Het Mishoeffken te Teuijlt tegenover het eerste perceel van deze kavel. Het Nieuw block te Laren. De Dries op de beek te Lummen. Het Beempdeken en de Cleijnen helder, naast elkaar gelegen. De halven bos verkregen van Jan Henijgh met de helft van de opstaande eiken.
Renten: Aan panden: van de erfgenamen Jan Teulleners te Kermpt: -26-0. Van Jan Scheers erfgenamen te Kermpt: -1-0. Van Henrick Peeters te Gestel: -1-0. Van Tomas Timmermans: -18-0. Van Jan Moons: -3-0. Van Heuijbrecht van Peer: -6-0. Van Aerdt Frerix onze broeder: -6 gulden. Van Antoon Melco: 1-10-0. Van de erfgenamen Jan Vander Linden: -1-0.
Kavel 6 is gevallen aan de kinderen van Geert Frerix verwekt bij Margriet Antoni. Heijligeesthoffken opt Westereijnde. Het Driesken met de hof daar achter aan elkaar gelegen. De Pareijshof tegenover de huizinge en de straat gelegen, met de opstaande lasten. Het Cleuijs beempdeken te Ghestel. De bos verkregen van Peeter Putmans.
Renten. Aan panden: van de erfgenamen Tielen Van Herle: -10-0. Van Henrick Leijsen te Meldelaer: -7-10-0. Van Matteijs Peeters te Schuelen: -6-0. De hoffstadt in de plaetse te Lummen, waar ons grootvader Peeter Frerix heeft gewoond, met de lasten; boven die lasten gewaardeerd op 3 gulden jaarlijks. Van Aerdt Frerix onze broeder, 15 gulden te kwijten met 300 gulden. Het derde part van het goed te Burselken, gewaardeerd op 23 gulden 's jaars. Kavel 6 moet jaarlijks aan kavel 2 , 10 stuivers geven en nog 10 stuivers aan kavel 2 en 4.
Onverdeeld gebleven zijn: de We…lhoff achter Peeter Aerts. Nog ¼ van de bos waarvan de erfgenamen Jan Baerdemaeckers de andere delen hebben. Die Goorveuijlen.
Op 11 oktober 1640 verschenen voor de schepenen: heer en mr. Jan Frerix, pastoor-deken te Hasselt, Joris Frerix, Aerdt Frerix voor zich zelf, Jan Leijnen met zijn momber Oriaen Leijnen, zijn andere zusters en broers vervangende, Lambrecht Morren, in naam van zijn zoon verwekt aan Maria Frerix dochter van Peeter Frerix evenals voor de andere kinderen van Peeter voorschreven, Aerdt Frerix zoon van Geerd, zo voor hem zelf als voor zijn andere broers en zuster. Ze keuren de deling goed. De bruggen op de Molenwech en te Molem staan tot last van de gemeenschap; ze zullen de reparatiekosten gelijk delen.10'
 
ErfenisGeorgius Fredrix en Joannes Fredrix waren, samen met Arnoldus Frericx, Joannis Lijnen, Aerdt Frericx en Lambertus Morren, op 11 oktober 1640 te Lummen [België] erfgenamen. De akte verwijst ook naar Oriaen Leijnen als betrokken partij. De akte luidt als volgt: 'Op 11 oktober 1640 verschenen voor de schepenen: heer en mr. Jan Frerix, pastoor-deken te Hasselt, Joris Frerix, Aerdt Frerix voor zich zelf, Jan Leijnen met zijn momber Oriaen Leijnen, zijn andere zusters en broers vervangende, Lambrecht Morren, in naam van zijn zoon verwekt aan Maria Frerix dochter van Peeter Frerix evenals voor de andere kinderen van Peeter Frerix voorschreven, Aerdt Frerix zoon van Geerd, zo voor hem zelf als voor zijn andere broers en zuster. Ze keuren de deling goed. De bruggen op de Molenwech en te Molem staan tot last van de gemeenschap, waarvan ze de reparatiekosten gelijk zullen delen.10' 
AflossingJoannes Fredrix ontving van Henrick Swijsen de terugbetaling van een lening aan 30 stuivers intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 20 juni 1649. Deze verwijst ook naar Aerdt Dries en Geert Mommen als betrokken partij. De akte luidt als volgt: 'Heer en meester Johan Fredrix, deken en pastoor te Hasselt kwijt een hoffstadt van mr. Henri Swijsen in de Nederstraet te Lummen van 30 stuivers jaarlijks. Swijsen bekwam die hoffstadt van Henrick Dries en daarvoor hoorde hij toe aan Antoen Mellekin. Aanwezige schepenen: Aerdt Dries en mr. Geert Mommen.11' 
EigendomJoannes Fredrix verkocht een goed aan Servaes Lucas volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 14 maart 1652. Deze verwijst ook naar Peeter Aerdts als betrokken partij. De akte luidt als volgt: 'Heer en mr. Jan Fredrix, landdeken in Hasselt, heeft op 13 maart 1652 voor notaris Joannes Slegers, Peter Aerdts gemachtigd om aan Servaes Lucas een hoeffken achter de kerk te verkopen. Palende Z. Coenrardt Van Haren, W. Lenaerdt Jans erfgenamen, O. Wauter Jans erfgenamen, N. de straat. Voor 466 gulden inbegrepen de 66 hogen die erop gesteld zijn. De koper moet contant 150 gulden betalen en voor de rest 15 gulden jaarlijks, te kwijten tegen de pennink 20. Godspennink: 2 gulden. Belast met 25 stuivers niet kortende grondcijns.4' 
AflossingJoannes Fredrix ontving van Geerardt Van Hilst de terugbetaling van een lening van 2000 gulden volgens een akte gemaakt te Hasselt [België] op 8 juli 1652. De akte luidt als volgt: 'De Kanunnikessen van het Heilig Graf en Eerwaarde Heer en Meester Joannes Frederici. Op 8 juli 1652 compareren voor ons schepenen van buiten Hasselt Eerwaarde Heer en Meester Joannes Frederici, pastoor en landsdeken alhier, die in onze aanwezigheid heeft ontvangen de som van 2000 gulden bbl tot opheffing van het onderpand van een bempt, gelegen tot 'Karst' [nvdr. vermoedelijk Terkoest], palend aan Ardt Boecquets ter ener zijde, meester Ardt van Hilst 'twelffman' ter tweede en de erven van Rombout Matthijs ter derde en de straat ter vierder zijde. De bempt behoort toe aan de Reguliere Kanunnikessen van het Heilig Graf. Op deze som is er een korting voorzien van 100 gl bbl jaarlijks en zo zal de voorschreven Eerwaarde Heer Frederici nog 19 gl bbl en 12 stuivers jaarlijks trekken. In naam van de Kanunnikessen van het Heilig Graf is 'baumeester' Geerardt van Hilst ter gichte gekomen.12'
LeningJoannes Fredrix leende aan Lucas Smans en Maria Cox de som van 400 gulden aan 5% intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 11 december 1653. De akte luidt als volgt: 'Voor schepenen Hermans en Neven senior verscheen Maria Cox, huisvrouw van Lucas Smans. Ze heeft, onder gelofte van de instemming te bezorgen van haar man Lucas die tegenwoordig gevangen ligt 'onder de Lorainsche soldaten hen winter quartier hebbende tot Lummen', opgedragen 'den Loonsche heere inde handt' de helft van een beempt onder Tiewinckel gelegen, genaamd 'den Godtsbeempt'. Deze bempt is nog onverdeeld tegen het kind van Aerdt Pellens zaliger. Hij paalt de erfgenamen van Mertten Snivers in 3 zijden en de Veltstraet aan de 4e zijde. Verder al haar Loonse goederen in bezit of nog te bekomen, als pand voor heer Jan Fredrix voor een jaarlijkse rente van 20 gulden Brabants, Luyxe paeye. Deze rente staat te kwijten met 400 gulden Brabants eens, Luyxe munte courant geld. Tot versterking van het pand belooft ze al haar Brabantse goederen op te dragen. Heer Jan Frederici wordt in de rente van 20 gulden gegicht met recht.13' 
OverlijdenHij overleed op 31 januari 1654 te Hasselt [België].14
LeningDe leningsovereenkomst van Huijbrecht Steenardts met Renier Borremans, Maria Lijnen en Arnoldus Lijnen, geacteerd te Lummen [België] op 6 juli 1655, vermeldt eveneens Joannes Fredrix.15 
AflossingDe leningsovereenkomst van Arnoldus Lijnen en Arnoldus Corthoudt met Lucas Smans, geacteerd te Lummen [België] op 24 januari 1664, vermeldt eveneens Joannes Fredrix.16 
EigendomDe eigendomstransactie van Henrick Borremans en Renier Borremans, samen met Maria Lijnen, Elisabeth Leijnen, Catharina Leijnen en Arnoldus Lijnen, met Huijbrecht Lenardts en Maria Aerdts, geacteerd te Lummen [België] op 28 februari 1664, vermeldt eveneens Joannes Fredrix; Huijbrecht Lenardts als man van Maria Aerdts weduwe van Joannes Lijnen is q.q. in proces geweest over zeker erven afgekomen van wijlen E.H. Joannes Fredrici, in leven pastoor en landdeken te Hasselt, erven die hij in zijn testament gefideicommitteert had en die na zijn dood gegaan zijn naar de kinderen van Margarita Fredricx, waar Vincent Lijnen vader van was. Over dat proces is een transactie gemaakt tussen Henrick Bormans en Renier Bormans als respectievelijk mannen van Marie en Elisabeth Lijnen, kinderen van voornoemde Vincent en Margarita. Met nog Catharina Lijnen, zuster van hun huisvrouwen. Erven, actiën en renten, waar ook gelegen, fideicommis subjest zijnde en door Huijbrecht Lenardts q.q. bezeten, zullen nu en altijd erfelijk blijven aan Huijbrecht Lenardts, zijn vrouw en erfgenamen. Mits een som door hen te betalen aan voornoemde Bormans cum sorore, luidens akte voor notaris Gautiers in Diest. Aerdt Lijnen broer van voornoemde Cattlijnen en zwager van voornoemde Bormans pretendeerde part en deel in voornoemde erven, maar voegde zich tijdens het proces met Bormans, door in de transactie te consenteren en zijn deel te laten aan Huijbrecht Lenardts, diens vrouw en erfgenamen, voor 400 gulden Brabants. Heer Fredricx was oom van Aerdt Lijnen. De procureur van Aerdt Lijnen, met name mr. Lenardt Vanden Vinne krijgt van hem 2 pattacons. Lenardts betaalt Aerdt Lijnen met een rente van 15 gulden 's jaars, staande op panden van Servaes Lucas, binnen de Vrijheid. Goed voor 300 gulden. De 100 overige gulden betaalt hij met kerstmis of hij geeft er rente van.17 
LeningDe leningsovereenkomst van Arnoldus Lijnen met Servaes Lucas, geacteerd te Lummen [België] op 29 januari 1665, vermeldt eveneens Joannes Fredrix.18 
LeningDe leningsovereenkomst van Petrus Frederici met Mattheus Bervoets en Christiaen Rutten, geacteerd te Lummen [België] op 24 januari 1670, vermeldt eveneens Joannes Fredrix.19 

bronvermelding(en)

  1. [S293] Willy Ceyssens, Bart De Keyser, Jos Jans, Myriam Lipkens, Tine Rock, Adriën Swartenbroekx (+), Jean-Jacques van Ormelingen, Jef Arras, Boek 'Oog in Oog' (Stedelijk Museum Stellingwerff-Waerdenhof, 2003).
  2. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 57, p.210v.
  3. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.108v.
  4. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.205.
  5. [S16] P. Severijns F. Goole, Boek 'Limburgse families en hun wapen' (deel 2) (Vlaamse Vereniging voor Familiekunde, 1978), p.46.
  6. [S46] Schepenbank Hauweycken, Rijksarchief Hasselt, 1634, boek 7, p.137v.
  7. [S475] Algemene register van de Broederschap van Onze-Lieve-Vrouw Virga Jesse (transcriptie Jef Arras, 2013), Rijksarchief Hasselt, Ledenlijst (1600-1837) (fol.11v), p.18.
  8. [S475] Algemene register van de Broederschap van Onze-Lieve-Vrouw Virga Jesse (transcriptie Jef Arras, 2013), Rijksarchief Hasselt, Ledenlijst volgens sterfdata (voor 1334-1850) (fol.56v), p.111.
  9. [S46] Schepenbank Hauweycken, Rijksarchief Hasselt, boek 7 (1599-1694), 1639, p.169v.
  10. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.113v.
  11. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 58, p.189v.
  12. [S81] Schepenbank Hasselt, Rijksarchief Hasselt, boek 1981.
  13. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 84, 1653, p.374.
  14. [S21] Parochieregisters Hasselt, Rijksarchief Hasselt, boek 318, 1654, overlijdens, p.342.
  15. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 59, p.3.
  16. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek nr. 85, 1664, p.667.
  17. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 59, p.105.
  18. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 59, p.133.
  19. [S22] Schepenbank Lummen - Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 59, p.202.

Joannes Fredrix

IDnr.1057, ° 6 november 1812, + 24 oktober 1896
VaderGerardus Fredrix ° 2 juli 1786, + 20 augustus 1855
MoederAnne Elisabeth Nijs ° 21 januari 1782, + 28 januari 1839
Stamkaartenafstammelingen van Matteeuwis Frerix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van Matteeuwis Frerix [boxformaat]
GeboorteJoannes Fredrix werd geboren op 6 november 1812 te Lummen [België]. In het document wordt vermeld: 'Jean wordt geboren om 6 uur 's morgens. Vader Gerardus komt aangifte doen met als getuigen Antoine Frederix (32 jaar, rentenier) en Jean Greven (50 jaar, belastingsontvanger). De leeftijd van moeder Elisabeth wordt aangegevne als zijnde 30, terwijl in de akte van het volgend kind 2 jaar later 40 wordt aangegeven.1' 
BeroepHij was landbouwer te Koersel [België] op 3 augustus 1842.2 
HuwelijkHij huwde met Maria Dymphna Lemmens, dochter van Petrus Joannes Lemmens en Maria Agnes Convents, op 3 augustus 1842 te Koersel [België]. De akte vermeldt: 'Het huwelijk heeft plaats om 4 uur in de namiddag. Enkel de vader van de bruidegom is aanwezig. De overige ouders zijn al overleden. De getuigen zijn Carolus (26 jaar, landbouwer en broer van de bruidegom, Jan Wagemans (53 jaar, herbergier), Henri Mathijs Thielemans (61 jaar, eigenaar) en Henri Norbert Beckers (39 jaar, herbergier), allen wonende te Koersel.2'
BeroepHij was boterkoopman te Koersel [België] op 18 januari 1843.3 
BeroepHij was landbouwer te Koersel [België] op 8 februari 1849.4 
HuwelijkHij huwde met Maria Helena Put, dochter van Pieter Jan Put en Anna Gertrudis Hermans, op 10 mei 1862 te Koersel [België]. De akte vermeldt: 'Het huwelijk vindt plaats om 7 uur 's morgens. De moeder van de bruid is aanwezig. De andere ouders zijn reeds overleden. De getuigen bij het huwelijk zijn Pieter Jan Bleux (44 jaar, landbouwer), Pieter Joseph Gijbels (37 jaar, landbouwer), Corneille Dankers (61 jaar, herbergier) en Charles Eugène Vermijen (44 jaar, herbergier), allen wonende te Koersel. Er wordt ook genoteerd ze al een kind hebben, Petrus Alphonius Put, die ze beide als hun zoon erkennen.5'
BeroepHij was dagloner te Koersel [België] tussen 10 mei 1862 en 2 mei 1872.5,6 
BeroepHij was landbouwer te Koersel [België] tussen 1 december 1892 en 24 oktober 1896.7,8 
OverlijdenHij overleed op 24 oktober 1896 te Koersel [België] in de ouderdom van 83 jaar. De tekst vermeldt: 'Hij overlijdt om 6 uur 's morgens. De aangifte gebeurt door Gerard Leten (41 jaar, landbouwer) en Alfons Leten (35 jaar, landbouwer), beiden van Koersel.8'

Familie 1

Maria Dymphna Lemmens ° 26 aug 1808, + 26 apr 1859
Kinderen

Familie 2

Maria Helena Put ° 29 dec 1830, + 8 aug 1908
Kinderen

bronvermelding(en)

  1. [S4] Burgerlijke Stand Lummen, Rijksarchief Hasselt, 1812, p.11v, akte 57.
  2. [S45] Burgerlijke Stand Koersel, Rijksarchief Hasselt, 1842, huwelijken, p.25, akte 9.
  3. [S45] Burgerlijke Stand Koersel, Rijksarchief Hasselt, 1843, geboorten, p.8, akte 26.
  4. [S45] Burgerlijke Stand Koersel, Rijksarchief Hasselt, 1849, geboorten, p.3, akte 7.
  5. [S45] Burgerlijke Stand Koersel, Rijksarchief Hasselt, 1862, huwelijken, p.23, akte 7.
  6. [S45] Burgerlijke Stand Koersel, Rijksarchief Hasselt, 1872, geboorten, p.7, akte 22.
  7. [S34] Burgerlijke Stand Heusden (origineel), Archief gemeente Heusden-Zolder, boek 1891-1900, p.12, akte 12.
  8. [S45] Burgerlijke Stand Koersel, Rijksarchief Hasselt, 1896, overlijdens, p.8v, akte 31.
  9. [S45] Burgerlijke Stand Koersel, Rijksarchief Hasselt, 1847, geboorten, p.3, akte 7.
  10. [S45] Burgerlijke Stand Koersel, Rijksarchief Hasselt, 1861, geboorten, p.3, akte 7.
  11. [S45] Burgerlijke Stand Koersel, Rijksarchief Hasselt, 1865, overlijdens, p.34, akte 6.
  12. [S45] Burgerlijke Stand Koersel, Rijksarchief Hasselt, 1866, geboorten, p.2 suppl., akte 69.
  13. [S45] Burgerlijke Stand Koersel, Rijksarchief Hasselt, 1869, geboorten, p.12, akte 45.

Joannes Fredrix

IDnr.1154, + 26 maart 1683
OverlijdenJoannes Fredrix overleed op 26 maart 1683 te Lummen [België]. De tekst vermeldt: 'Zijn alias was Hansen.1' 

bronvermelding(en)

  1. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 555, overlijdens, 1683, p.25.

Joannes Fredrix

IDnr.1429, ° 28 februari 1694, + 7 maart 1730
VaderCarolus Fredricx1 ° voor 1665, + 20 maart 1733
MoederGertrudis Pluckers1 ° voor 1665, + 14 januari 1733
DoopselJoannes Fredrix werd gedoopt op 28 februari 1694 te Hechtel [België]. De akte vermeldt: 'In de doopakte van zijn zoon Carolus wordt vermeld dat hij uit Hechtel komt.1' 
HuwelijkHij huwde met Helena Lekens, dochter van Blasius Lekens en Maria Lemmens, op 6 juni 1719 te Koersel [België]. De akte vermeldt: 'Helena wordt in de huwelijksakte Anna genoemd.2'
HuwelijkHij huwde met Maria Lemmens op 13 oktober 1726 te Koersel [België] met als getuigen Blasius Lekens.3
OverlijdenHij overleed op 7 maart 1730 te Koersel [België] in de ouderdom van 36 jaar. De tekst vermeldt: '(geen volledige zekerheid).4' 

Familie

Helena Lekens ° 27 mei 1692, + 4 sep 1722
Kinderen

bronvermelding(en)

  1. [S54] Parochieregisters Hechtel, Rijksarchief Hasselt, 1358918, 1694, doopsels.
  2. [S23] Parochieregisters Koersel, Rijksarchief Hasselt, boek 454, 1719, huwelijken, p.54.
  3. [S23] Parochieregisters Koersel, Rijksarchief Hasselt, boek 454, 1726, huwelijken, p.65.
  4. [S23] Parochieregisters Koersel, Rijksarchief Hasselt, boek 455, 1730, overlijdens, p.67.

Joannes Fredrix

IDnr.1443, ° voor 1635, + na 15 november 1678
VaderN1 Fredrix1 ° voor 1610, + na 1645
Moeder(vrouw van N1) N.1 ° circa 1600, + na 1645
Stamkaartenafstammelingen van N1 Fredrix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van N1 Fredrix [boxformaat]
DoopselJoannes Fredrix werd gedoopt voor 1635 te Paal? [België].1 
HuwelijkHij huwde met Catharina Laerackers op 24 september 1656 te Beringen [België] met als getuigen Cornelius Fredrix en Simon Boijen.2
VoogdijHij werd de voogd van Joanna Fredrix op 24 november 1676 te Tessenderlo [België].3 
OverlijdenHij overleed na 15 november 1678 te Beringen? [België].4 

Familie

Catharina Laerackers ° voor 1635, + na 9 okt 1682
Kinderen

bronvermelding(en)

  1. [S145] Schepenbank Beringen, Rijksarchief Hasselt, 1650, boek 40, p.264.
  2. [S8] Parochieregisters Beringen, Rijksarchief Hasselt, boek 53, 1656, huwelijken, p.99.
  3. [S73] Schepenbank Tessenderlo - Gichten, Loois Archief- en Documentatiecentrum (LAD), boek 72.
  4. [S8] Parochieregisters Beringen, Rijksarchief Hasselt, boek 53, 1678, doopsels, p.48.
  5. [S8] Parochieregisters Beringen, Rijksarchief Hasselt, boek 53, 1657, doopsels, p.3.
  6. [S8] Parochieregisters Beringen, Rijksarchief Hasselt, boek 53, 1660, doopsels, p.9.
  7. [S8] Parochieregisters Beringen, Rijksarchief Hasselt, boek 53, 1662, doopsels, p.12.
  8. [S8] Parochieregisters Beringen, Rijksarchief Hasselt, boek 53, 1663, doopsels, p.14.

Joannes Fredrix

IDnr.2150, ° circa 1636, + tussen 27 april 1667 en 8 april 1724
VaderPeter Fredricx ° voor 1595, + tussen 19 september 1652 en 26 april 1657
MoederN. (eerste vrouw) N. ° circa 1600, + na 1633
Stamkaartenafstammelingen van Matteeuwis Frerix [uitklapbaar formaat]
afstammelingen van Matteeuwis Frerix [boxformaat]
DoopselJoannes Fredrix werd gedoopt circa 1636 te Beringen? [België]. 
Gebeurtenis Op 15 september 1650 vindt de 'emancipatie' plaats door vader Peter Fredricx, samen met Joannes Fredrix te Beringen [België] volgens de hierna volgende akte: 'Op 15 september 1650 heeft Peeter Fredricx zijn zonen geëmancipeerd en uit zijn vaderlijke 'tutelle' gedaan, namelijk Cornelis, Mattheuwis, Jacob en Jan Fredericx. Hij belooft ieder van hen vijf stuivers jaarlijks'.1
ReliefNa het overlijden van Tilmanus Fredricx releveren Arnoldus Fredrix, Maria Fredrix, Matthias Fredrix, Joannes Fredrix en Henricus Van Haeckendover op 21 oktober 1660 te Lummen [België] . De akte vermeldt verder ook Lambrecht Truijens, Matteeuwis Dries, Jan Gielis, Aerdt Van Uytricht en Vincent Reijnders. De akte luidt als volgt: 'Matteeuwis, Aerdt en Jan Fredrix en Jan Van Haeckendover man en momber van (Marie?) Frerix releveren het versterf dat op hen is verstorven na de dood van hun broer Tielman Fredricx. Het gaat om “den Hagendoren Hoff” in Laren, een beemd in Meldelaer, “den Halmael”, 5 gulden jaarlijks aan panden van Lambrecht Truijens, 7 gulden 10 stuivers jaarlijks aan panden van Matteeuwis Dries, 5 gulden jaarlijks aan panden van Jan Gielis, aan panden van Aerdt Van Uytricht 3 gulden, 5 gulden aan Vincent Reijnders panden.2' 
HuwelijkHij huwde met Maria Van Ham op 12 juni 1661 te Lummen [België] met als getuigen Matthias Fredrix en Mathias Clockluijers. De akte vermeldt: 'Het huwelijk werd ingezegend met 'het rode zegel'.3' 
EigendomJoannes Fredrix verkocht een goed aan Eustachius Timmermans volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 9 maart 1662. De akte luidt als volgt: 'Jan Fredricx draagt op tot behoef van Stessen Timmermans een stuk broek gelegen in Meldelaer. Het grenst Geerdt Alarts 1), de gemene vroente 2), Henrick Cuijpers 3). Hij ruilt het voor een ander stuk broek onder Laren genaamd "den Stevens Beempt". Deze draagt Stessen hierbij eveneens op tot behoef van Jan Fredricx. Dit stuk grenst de Vloetgracht 1), Vincent Reynders 2), de Broekstraet. Stessen moet aan Jan 50 gulden Brabants eens toegeven. Fredricx staat garant dat de beemd die hij verkocht belast is met 7,5 stuivers jaarlijks aan de anniversarien in Lummen, niet kortend, en met des heeren chijns. De partijen kwamen met recht ter gichten.4' 
EigendomPetrus Fredrix en Jacobus Fredrix verkopen een goed aan Joannes Fredrix volgens een akte gemaakt te Beringen [België] op 9 maart 1662. De akte luidt als volgt: 'Anno 1662 op 9 maart hebben Peter en Jacob Fredericx 'in vercoopenis opgedraghen tot behoeff van' hun broer Jan Fredericx hun 'aenpaerten' van de 'partagien', die hen na de dood hun vader Peter Fredericx en hun stiefmoeder Elisabeth Quintens zijn aangestorven. Ze 'cederen' tot oirbaer van hun broederschap voor de som van 600 guldens bb luijcxs, libre van alle lasten en kosten tussen partijen in diverse processen gerezen. Goedtsgeldt een [?] voor die kerk. Peter en Jacob verklaren van de voorschreven 600 gulden betaald te zijn. Na deze verklaring en opdracht van Peter en Jacob is Jan Fredericx in hun erfdeel gegicht en is 'in hoeden gekeert'.5'
AflossingJoannes Fredrix ontving van Willem Tonis de terugbetaling van een lening aan 8 gulden intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 9 november 1662. De akte luidt als volgt: 'Jan Fredricx kwijt Willem Tonis en zijn panden van 5 gulden jaarlijks. Hij heeft het kapitaal en alle verlopen ontvangen.6' 
LeningJan Margrieten leende aan Joannes Fredrix de som van 200 gulden aan 4,75% intrest per jaar volgens een akte gemaakt te Beringen [België] op 23 november 1662. Ze vermeldt verder ook Jan Moens. De akte luidt als volgt: 'Anno 1662 op 23 november heeft Jan Fredericx 'opgedraghen tot behoeff van' Jan Margrieten een stuk broek laag, veelal langs rivieren of beken gelegen, met sloten doorsneden weiland of hooiland, dat 's winters ter bevordering van de vruchtbaarheid veelal onder water gezet wordt], genaamd 'die Cue' te Paal gelegen, 'in regenoten' ten westen Jan Moens, ten oosten Willem Bervoets, en dat als pand voor 200 gulden kapitaal, [aan een rente van] 9,5 gulden jaarlijks. De vervaldag is 15 augustus voor het eerst toekomend jaar 1663. Verder doet hij 'warantschappe' waarborg] voor een goede gicht met zijn 'banckguederen'. [De lening] is te kwijten met 200 guldens met geld dat op het moment van de kwijting goed en gangbaar is. Na de 'opdrachte' en warantschappe als hier boven is Jan Margrieten ter gichte gekomen met recht. Jan Fredericx heeft het 'pondtgeldt' en hofrechten betaald en is 'in hoeden gekeert'.7'
EigendomMaria Fredrix en Henricus Van Haeckendover verkopen een goed aan Joannes Fredrix volgens een akte gemaakt te Lummen [België] op 7 juni 1663. De akte luidt als volgt: 'Henrick Van Haeckendovere als man en momber van Marie Fredricx, van wie hij de instemming belooft in te brengen, draagt op tot behoef van zijn zwager Jan Fredricx een Block onder Groelaeren gelegen, genaamd “t’Schijvens Block”. Dit goed was eerder onbehoorlijk gegicht in de Brabantse bank voor de som van 320 gulden Brabants eens Luikse munt, godspenninck 5 stuivers, lijcoop naer landtcoop. Jan Fredricx kwam met recht ter gichte. Het goed is enkel belast met de grondcijns.8' 
OverlijdenHij overleed tussen 27 april 1667 en 8 april 1724 te Koersel? [België].9 
ReliefNa het overlijden van Matthias Fredrix en Anna Reijnders releveren Joannes Fredrix op 12 januari 1677 te Lummen [België] . De akte luidt als volgt: 'Jan Fredrix als momber van de kinderen van Mattheus Fredrix releveert de goederen die op de kinderen verstorven zijn na de dood van hun ouders: een erfve geheten 'het Auwoort', palend Dries Bervoets Willems sone O., Jan Thonis Van Meldert Z; nog een stuk land gelegen aan de Aude Straet.10' 
ReliefNa het overlijden van Joannes Swaelen releveren Joannes Fredrix op 8 april 1724 te Lummen [België] . De akte luidt als volgt: 'Op 8 april 1724 releveert Joannes Swaelen na de dood van zijn grootvader Jan Fredrix een perceel broekland, het 'halven heggenlant' genaamd. Het goed grenst aan den 'vaerwegh' N., Meus Meus alias Oors N., Hubert Cox Z., 'den lange mee' W.9'

Familie

Maria Van Ham ° voor 1635, + na 11 jan 1668
Kinderen

bronvermelding(en)

  1. [S145] Schepenbank Beringen, Rijksarchief Hasselt, 1650, boek 40, p.264.
  2. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek nr. 85, 1660, p.294.
  3. [S2] Parochieregisters Lummen, Rijksarchief Hasselt, boek 553, p.70 (p.37).
  4. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 85, 1662, p.437.
  5. [S145] Schepenbank Beringen, Rijksarchief Hasselt, 1662, boek 41, p.185v.
  6. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 85, 1662, p.507.
  7. [S145] Schepenbank Beringen, Rijksarchief Hasselt, 1662, boek 41, p.207.
  8. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek nr. 85, 1663, p.570.
  9. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek 89, folio 177.
  10. [S7] Schepenbank Lummen - Loons Recht buiten Vrijheid - Gichten, Rijksarchief Hasselt, boek nr. 86, 1677, p.72r.